Dissimilatie
Anaërobe dissimilatie en aërobe dissimilatie bij gist.
Een bepaalde gist dissimileert glucose onder anaërobe omstandigheden. Wanneer zuurstof beschikbaar komt, gaat deze gist onmiddellijk over op aërobe dissimilatie.
Hieronder volgen drie beweringen over de veranderingen die door deze overgang optreden in de stofwisseling van deze gist:
1. bij aërobe dissimilatie is minder substraat nodig om dezelfde hoeveelheid energie vrij te maken;
2. bij aërobe dissimilatie wordt minder water geproduceerd per molecuul glucose;
3. bij aërobe dissimilatie ontstaat minder koolstofdioxide per molecuul glucose.
Welke bewering is of welke beweringen zijn juist?



























