1/2 Zeepokken.
Zie figuur B 5208 van de bijlage.
afbeelding
Zeepokken zijn geleedpotige dieren die zich als larve vrij kunnen bewegen. Ze maken dan deel uit van het dierlijk plankton (zoöplankton). Als volwassen pokken zitten ze vast (b.v. op stenen of de schelp van mosselen) en verzamelen ze voedsel d.m.v. een soort 'grijphandjes’. Op rotsige kusten kan men in een bepaald gebied twee soorten zeepokken vinden. De ene soort, behorend tot het geslacht Chthamalus, groeit in een vrij smalle strook in de bovenste helft van de intergetijdezone, de andere soort, behorend tot het geslacht Balanus, groeit in een bredere strook daaronder. In afbeelding 1 zijn deze stroken op een rots aangegeven onder 1. Onder 2 is met balken aangegeven waar de larven van beide soorten voorkomen. De zwarte balk is voor Chthamalusen de witte voor Balanus. Onder 3 staat aangegeven tot hoe hoog de verschillende getijden - gemiddeld - komen.
Wat opvalt is, dat beide soorten zich als larve vestigen in een strook die breder is dan waar ze als volwassen dier voorkomen.
Om er achter te komen welke factoren de zonering van de volwassen zeepokken bepalen werden twee experimenten uitgevoerd op een stuk rots gelegen tussen het niveau van de gemiddelde vloed en eb bij springtij.
Experiment 1: Alle Chthamalus-pokken werden verwijderd en men verhinderde, dat zich Chthamalus-larven vestigden. Er bleken geen Balanus-pokken te gaan groeien op het gebied waar eerst Chthamalus-pokken zaten, alhoewel zich er wel Balanus -larven konden vestigen.
Experiment 2: Alle Balanus-pokken werden verwijderd en men verhinderde, dat er zich Balanus-larven vestigden. Op het vrijgekomen gedeelte rots groeiden wel Chthamalus-pokken, althans daar waar zich gewoonlijk ook Chthamalus-larven vestigen.
Zie volgende scherm