Oefentoets Biologie: Dissimilatie - Energie | HAVO 4/HAVO 5

Ontdek de digitale toets over energievoorziening bij spiercontractie, energiebronnen en stofwisselingsprocessen, gericht op studenten biologie en sportwetenschappen die hun kennis over energieverbruik en -opbrengst willen testen. - 6 vragen

Aantal vragen

6

Vak(ken)

Biologie

Kerndoel(en)

VO Kerndoel 31: Processen in de natuur

Leerniveau(s)

HAVO 4, HAVO 5

Uitgever

NVON

Copyright

cc-by-sa-40

Energievoorziening bij spiercontractie

Energie voor een samentrekkende spier.

Een zich samentrekkende spier heeft energie nodig. Hiertoe heeft plaats de omzetting:

Energiebronnen voor spiersamentrekking

Energieverbruik van een spier.
Iemand beweert dat de volgende omzettingen deze energie kunnen leveren:

1. glycogeen + water ® glucose
2. glucose + zuurstof ® water + koolstofdioxide
3. glucose ® melkzuur
4. glucose ® alcohol + koolstofdioxide

Welke omzettingen leveren inderdaad energie voor het samentrekken van een spier?

Energiebronnen van lichtgevende kwallen

Lichtgevende kwal.
Zie figuur B 4868 van de bijlage.

In de afbeelding hiernaast zijn lichtgevende kwallen van de soort Aequorea victoria te zien.

Hoe komt de kwal aan de energie voor het uitzenden van dit licht?

afbeeldingafbeelding

Energiebalans van duikeenden na duiken

Duiken naar een koude dis.
Zie figuur B 2928 van de bijlage.

In de figuur is in afbeelding A het energieverbruik van duikeenden weergegeven. In afbeelding B is de energieopname van twee duikeenden (P en Q) in een diagram getekend.

De energiebalans is de verhouding tussen de hoeveelheid opgenomen energie en de hoeveelheid energie die verbruikt wordt.

afbeeldingafbeelding

Na hoeveel uur duiken komt bij eend P de energiebalans boven 1? Geef je antwoord in hele uren.

afbeeldingafbeelding

Energieopbrengst bij stofwisselingsprocessen

Stofwisseling.

Drie stofwisselingsprocessen zijn hieronder weergegeven:

1. C6 H12 O6 + 6 O2 ® 6 CO2 + 6 H2 O + energie
2. C6 H12 O6 ® 2 C3 H6 O3 (melkzuur) + energie
3. C6 H12 O6 ® 2 CO2 + 2 C2 H5 OH (alcohol) + energie

Deze processen leveren per molecuul glucose niet evenveel energie op.

Welk proces levert de meeste energie per molecuul glucose op?

Energiebronnen tijdens lichamelijke inspanning

Sport.

Tijdens inspanning worden behalve glycogeen ook andere energierijke stoffen verbruikt.
Drie energiebronnen in een lichaamscel zijn: eiwit, melkzuur en vet.

Welke van deze energiebronnen levert per gram de meeste energie?