Oefentoets Biologie: Assimilatie-dissimilatie - Algemeen | VMBO kaderberoepsgerichte leerweg, 4 | variant 5

Deze oefentoets bevat 20 vragen en is te gebruiken in een toetsplatform dat QTI 3.0 ondersteunt. De opgaven zijn gemaakt door een vakdocent Biologie van de NVON. Ideaal om leerlingen gericht te laten oefenen en hun kennis te toetsen.

Aantal vragen

20

Vak(ken)

Biologie

Kerndoel(en)

VO Kerndoel 31: Processen in de natuur

Leerniveau(s)

VMBO kaderberoepsgerichte leerweg, 4

Uitgever

NVON

Copyright

cc-by-sa-40

Assimilatie_dissimilatie

1/2 Gaswisseling bij bonen en planten.
Zie figuur B 1949 van de bijlage.

Iemand onderzoekt de gaswisseling van kiemende bonen en bonenplanten. Hij plaatst de kiemende bonen en de bonenplanten in afgesloten glazen bakken met lucht, zoals in de afbeelding is aangegeven. De temperatuur is 20°C. De proef duurt 24 uur.

In welke bak zal het zuurstofgehalte het laagst zijn na afloop van de bij de afbeelding beschreven proef?

afbeeldingafbeelding

Assimilatie_dissimilatie

2/2 Gaswisseling bij bonen en planten.

In welke bak zal het koolstofdioxidegehalte het laagst zijn na afloop van de bij de afbeelding beschreven proef?

afbeeldingafbeelding

Assimilatie_dissimilatie

1/2 Geraniums en champignons.
Zie figuur B 1877 van de bijlage.

De tekeningen geven een proefopstelling weer. Hiermee onderzoekt iemand de stofwisseling van geraniums (planten met bladgroen) en champignons (paddestoelen) in het licht en in het donker.

In welke van de organismen in deze proefopstelling vindt verbranding plaats?

afbeeldingafbeelding

Assimilatie_dissimilatie

2/2 Geraniums en champignons.

In welk of welke van de organismen in deze proefopstelling vindt fotosynthese plaats?

afbeeldingafbeelding

Assimilatie_dissimilatie

1/3 Glucose-stofwisseling.

De volgende drie processen kunnen in planten plaatsvinden:

1. Koolstofdioxide en water worden omgezet in glucose en zuurstof: daarvoor is energie nodig.
2. Glucose en zuurstof worden omgezet in koolstofdioxide en water; daarbij komt energie vrij.
3. Glucose wordt omgezet in zetmeel.

Welk proces wordt verbranding genoemd?

Assimilatie_dissimilatie

2/3 Glucose-stofwisseling.

De volgende drie processen kunnen in planten plaatsvinden:

1. Koolstofdioxide en water worden omgezet in glucose en zuurstof: daarvoor is energie nodig.
2. Glucose en zuurstof worden omgezet in koolstofdioxide en water; daarbij komt energie vrij.
3. Glucose wordt omgezet in zetmeel.

Zie figuur B 2038 van de bijlage.

De afbeelding geeft een aantal cellen van een plant weer. Deze plant staat in het zonlicht. Cel P bevat bladgroen, cel Q niet.

Vindt proces 1 plaats in cel P?
En in cel Q?

afbeeldingafbeelding

Assimilatie_dissimilatie

3/3 Glucose-stofwisseling.

De volgende drie processen kunnen in planten plaatsvinden:

1. Koolstofdioxide en water worden omgezet in glucose en zuurstof: daarvoor is energie nodig.
2. Glucose en zuurstof worden omgezet in koolstofdioxide en water; daarbij komt energie vrij.
3. Glucose wordt omgezet in zetmeel.

Komt proces 2 voor bij autotrofe organismen?
En bij heterotrofe organismen?

Assimilatie_dissimilatie

1/3 Glucose-stofwisseling.

De volgende drie processen kunnen in planten plaatsvinden:

1. Koolstofdioxide en water worden omgezet in glucose en zuurstof; daarvoor is energie nodig.
2. Glucose en zuurstof worden omgezet in koolstofdioxide en water; daarbij komt energie vrij.
3. Glucose wordt omgezet in zetmeel.

Welk proces heet fotosynthese?

Assimilatie_dissimilatie

2/3 Glucose-stofwisseling.

Zie figuur B 1957 van de bijlage.

De afbeelding geeft een aantal cellen van een plant weer. Enkele cellen bevatten bladgroen.
De plant bevindt zich in het zonlicht.

De volgende drie processen kunnen in planten plaatsvinden:

1. Koolstofdioxide en water worden omgezet in glucose en zuurstof; daarvoor is energie nodig.
2. Glucose en zuurstof worden omgezet in koolstofdioxide en water; daarbij komt energie vrij.
3. Glucose wordt omgezet in zetmeel.

Vindt proces 2 plaats in cel P?
En in cel Q?

afbeeldingafbeelding

afbeeldingafbeelding

Assimilatie_dissimilatie

3/3 Glucose-stofwisseling.

De volgende drie processen kunnen in planten plaatsvinden:

1. Koolstofdioxide en water worden omgezet in glucose en zuurstof; daarvoor is energie nodig.
2. Glucose en zuurstof worden omgezet in koolstofdioxide en water; daarbij komt energie vrij.
3. Glucose wordt omgezet in zetmeel.

Komt proces 3 voor bij een eik?
En bij een mens?

Assimilatie_dissimilatie

Juist of onjuist.

De activiteit van een enzym is afhankelijk van de zuurgraad. [invulveld]

Planten met bladgroen zijn in staat koolhydraten te vormen uit anorganische stoffen. Voor dit proces zijn kooldioxide en zuurstof nodig. [invulveld]

Glucose levert de planten de energie die voor dit proces nodig is. [invulveld]

Dit proces kan voorkomen in landplanten en ook in waterplanten. [invulveld]

Dit proces is een verbrandingsproces. [invulveld]

Assimilatie_dissimilatie

1/4 Een kamerplant.

Een kamerplant met groene bladeren staat overdag op de vensterbank in de zon.
's Nachts staat hij in het donker.
Nadat deze plant zes uur in de zon heeft gestaan, wordt een blad met jodium onderzocht op de aanwezigheid van zetmeel.

Welke kleur krijgt dit blad dan?

Assimilatie_dissimilatie

2/4 Een kamerplant.

Wordt in cellen met bladgroen van deze plant in het licht glucose gevormd?
En wordt er glucose verbruikt?

Assimilatie_dissimilatie

3/4 Een kamerplant.

Welk gas wordt door de bladeren van deze plant in het donker opgenomen?

Assimilatie_dissimilatie

4/4 Een kamerplant.

In deze plant wordt een stof gevormd die met behulp van kalkwater kan worden aangetoond.

Welke stof is dit?

Assimilatie_dissimilatie

1/2 Koolstofdioxide in organismen.
Zie figuur B 2075 van de bijlage.

De afbeelding geeft vier organismen weer.

Welk van de organismen in de afbeelding kan bij de stofwisseling koolstofdioxide verbruiken?

afbeeldingafbeelding

Assimilatie_dissimilatie

2/2 Koolstofdioxide in organismen.
Zie figuur B 2075 van de bijlage.

Welke van de organismen in de afbeelding kunnen bij de stofwisseling koolstofdioxide produceren?

afbeeldingafbeelding

Assimilatie_dissimilatie

1/2 Koolstofdioxide in oceanen.

De laatste eeuw is de productie van koolstofdioxide geweldig toegenomen. Oceanen nemen ongeveer een derde deel van dit gas op. Een deel van een oceaan dat veel algen bevat, neemt meer koolstofdioxide op dan een deel met weinig algen.

Geef voor deze grotere opname een verklaring.

Assimilatie_dissimilatie

2/2 Koolstofdioxide in oceanen.

Onderzoekers hebben berekend dat tot 1780 de productie van koolstofdioxide gelijk was aan de koolstofdioxide-opname door de oceanen. Tegenwoordig wordt er meer koolstofdioxide geproduceerd dan de oceanen aankunnen.

Noem twee voorbeelden van menselijke activiteit waardoor de productie van koolstofdioxide tegenwoordig groter is.

Assimilatie_dissimilatie

1/2 Koolstofdioxide.
Zie figuur B 3353 van de bijlage.

Voor een experiment worden twee even grote bladeren van dezelfde plant in twee potten gedaan (zie de afbeelding 1). Pot P wordt in het licht geplaatst, pot Q in het donker. De overige omstandigheden zijn gelijk.

Zie figuur B 3858 van de bijlage.

Op een aantal tijdstippen wordt de hoeveelheid koolstofdioxide in beide potten gemeten. De metingen van pot P worden uitgezet in een diagram. In de afbeelding zijn drie diagrammen weergegeven.

Welk diagram geeft het verloop van de hoeveelheid koolstofdioxide in pot P juist weer? Leg je antwoord uit.

afbeeldingafbeeldingafbeeldingafbeelding