Oefentoets Biologie: Uitscheiding - algemeen 1 | VWO 1/VWO 2/VWO 3

Ontdek de digitale toets over de waterafgifte en functies van de nieren en het uitscheidingsstelsel, gericht op leerlingen in de biologie. Deze toets bevat vragen over de anatomie en fysiologie van menselijke organen, ideaal voor het versterken van kennis in de gezondheidswetenschappen. - 20 vragen

Aantal vragen

20

Vak(ken)

Biologie

Kerndoel(en)

VO Kerndoel 31: Processen in de natuur

Leerniveau(s)

VWO 1, VWO 2, VWO 3

Uitgever

NVON

Copyright

cc-by-sa-40

Waterafgifte door menselijke organen

Waterafgifte.

Enkele organen van de mens zijn: nieren, longen en zweetkliertjes.

Welke geven water af?

De structuur van de nier en urinewegen

De nier.

Bij de mens is een nier met de urineblaas verbonden door

Afvoer van urine in het uitscheidingsstelsel

Urine-afvoer.
Zie figuur B 709 van de bijlage.

De tekening stelt voor een lengtedoorsnede van het uitscheidingsstelsel.

Waar wordt de urine afgevoerd?

afbeeldingafbeelding

Identificeer het orgaan in de afbeelding

Een orgaan.
Zie figuur B 707 van de bijlage.

De foto geeft een model van een lengtedoorsnede weer van een orgaan van de mens.

Welk orgaan is dit?

afbeeldingafbeelding

Identificatie van de Nierschors

Nierschors.
Zie figuur B 708 van de bijlage.

De tekening stelt een doorsnede van een nier van een mens voor.

Welk cijfer geeft de nierschors aan?

afbeeldingafbeelding

Productie van urine in de nieren

1/3 Urine, nieren en niersteen.

Urine wordt geproduceerd in de nieren. Nieren bestaan onder andere uit nierschors en niermerg.

In welk deel van de nieren wordt urine geproduceerd?

Urineproductie en bloeddruk in de nieren

2/3 Urine, nieren en niersteen.
Zie figuur B 3840 van de bijlage.

De productie van urine hangt onder andere af van de bloeddruk in de nieren. De bloeddruk in de nieren heeft ook een effect op de hoeveelheid bloed die door de nieren stroomt. Dit is in de afbeelding te zien.
Naar aanleiding van de afbeelding worden twee uitspraken gedaan.

Geef bij elke uitspraak aan of deze juist of onjuist is.

1. Hoe hoger de bloeddruk, hoe meer urine de nier produceert.
2. Bij een bepaalde bloeddruk stroomt er altijd meer bloed dan urine door de nier.

afbeeldingafbeelding

Urineleider en nierstenen

3/3 Urine, nieren en niersteen.
Zie figuur B 3841 van de bijlage.

In een brochure staat:
Een niersteen ontstaat als bepaalde stoffen in de urine samenklonteren. De meeste mensen merken er niets van, omdat ze de nierstenen uitplassen. Maar soms sluit een niersteen de urineleider af.
Dan zijn er verschillende manieren waarop zo iemand geholpen kan worden. Eén daarvan is opereren.

In de afbeelding is onder andere een nier weergegeven.

Welke letter geeft de urineleider aan?

afbeeldingafbeelding

De functie van de nieren

1/3 Nieren.

De nieren hebben een belangrijke taak in het lichaam.

Welke taak hebben de nieren?

Identificatie van de nieren in de afbeelding

2/3 Nieren.
Zie figuur A 832 van de bijlage.

In de afbeelding zijn schematisch enkele organen getekend.

Welk cijfer geeft een nier aan?

afbeeldingafbeelding

Verbinding tussen nier en blaas

3/3 Nieren.

In het lichaam is de nier verbonden met de blaas.

Hoe wordt de nier verbonden met de blaas?

Uitscheidingsstelsel en bijbehorende vloeistoffen

1/3 Uitscheiding.
Zie figuur A 823 van de bijlage.

In de afbeelding is een deel van het uitscheidingsstelsel van een man weergegeven.

Vul het volgende bij de puzzel hieronder in:

afbeeldingafbeelding

bij 1 de naam van orgaan P (is al ingevuld als voorbeeld)
bij 2 de naam van de vloeistof in afvoerbuis Q
bij 3 de naam van de vloeistof die afvalstoffen aanvoert
bij 4 de naam van de plaats waar deze vloeistof wordt opgeslagen

afbeeldingafbeelding

Locatie van orgaan R in uitscheidingsstelsel

2/3 Uitscheiding.
Zie de figuren A 823 en B 3431 van de bijlage.

Zie figuur B 3431 van de bijlage.

In de afbeelding is een deel van het uitscheidingsstelsel vanaf de zijkant getekend.

Waar bevindt zich orgaan R van de afbeelding A 823 in de tekening B 3431? Zet een R op de juiste plaats.

afbeeldingafbeeldingafbeeldingafbeelding

Locatie van de nieren in het lichaam

3/3 Uitscheiding.
Zie figuur B 3432 van de bijlage.

In de tekening is een mens vanaf de rugzijde weergegeven. Lijn P is het middenrif.

In welk rugdeel liggen de nieren?

afbeeldingafbeelding

Uitscheiding van Alcohol in het Lichaam

1/3 Uitscheiding en alcohol.
Zie figuur B 3181 van de bijlage.

Alcohol wordt in het lichaam afgebroken en uitgescheiden.
In de onderstaande afbeelding zijn enkele organen aangegeven.

Welk orgaan is het uitscheidingsorgaan waar alcohol wordt afgebroken?

afbeeldingafbeelding

Locatie van de longen in het lichaam

2/3 Uitscheiding en alcohol.

Ook de longen zijn uitscheidingsorganen.

Waar liggen de longen in het lichaam?

Orgaan betrokken bij uitscheiding en alcohol

3/3 Uitscheiding en alcohol.
Zie figuur B 3181 van de bijlage.

Wie bier drinkt moet meer plassen. Hierbij is orgaan S betrokken.

Wat is de naam van orgaan S? Dit is de/het [invulveld]

afbeeldingafbeelding

Urineproductie en drinkmomenten

1/4 Uitscheiding en slagaders.
Zie figuur B 3126 van de bijlage.

Wie veel drinkt, moet veel plassen.
In de afbeelding is de urineproductie van een proefpersoon weergegeven. Deze proefpersoon dronk op een bepaald tijdstip een groot glas water.

Op welk tijdstip dronk de proefpersoon het glas water?

afbeeldingafbeelding

Nierslagader in de afbeelding herkennen

2/4 Uitscheiding en slagaders.
Zie figuur B 3127 van de bijlage.

In de afbeelding zijn onder andere de nieren weergegeven. De pijlen geven de stroomrichting van het bloed aan.

Welk cijfer geeft een nierslagader aan?

afbeeldingafbeelding

Kenmerken van slagaders bij volwassenen

3/4 Uitscheiding en slagaders.

Welk kenmerk geldt voor alle slagaders van een volwassen mens?