Oefentoets Biologie: Voortplanting - plant_geslachtelijk | VMBO theoretische leerweg, 3/VMBO theoretische leerweg, 4 | variant 5

Deze oefentoets bevat 20 vragen en is te gebruiken in een toetsplatform dat QTI 3.0 ondersteunt. De opgaven zijn gemaakt door een vakdocent Biologie van de NVON. Ideaal om leerlingen gericht te laten oefenen en hun kennis te toetsen.

Aantal vragen

20

Vak(ken)

Biologie

Kerndoel(en)

VO Kerndoel 31: Processen in de natuur

Leerniveau(s)

VMBO theoretische leerweg, 3, VMBO theoretische leerweg, 4

Uitgever

NVON

Copyright

cc-by-sa-40

Voortplanting

Bestuiving en bevruchting van een bloemplant.

Hieronder staan vijf zinnen die betrekking hebben op bestuiving en bevruchting van een bloemplant.

1. Een kern uit de stuifmeelbuis en een kern van de eicel versmelten.
2. Het stuifmeel is rijp.
3. De stuifmeelbuis groeit in de stijl.
4. Een stuifmeelkorrel komt terecht op de stempel van een bloem van dezelfde soort.
5. De wind verspreidt het stuifmeel.

Deze zinnen geven een reeks van opeenvolgende gebeurtenissen aan in de volgorde

Voortplanting

De levenscyclus van een zaadplant.

Hieronder staan in willekeurige volgorde enkele processen uit de levenscyclus van een zaadplant.

1. bloemvorming;
2. kieming;
3. groei;
4. bestuiving;
5. bevruchting.

De juiste volgorde van deze processen is

Voortplanting

De ontwikkeling van een stuifmeelbuis.

Uit een stuifmeelkorrel ontwikkelt zich een stuifmeelbuis.

Waar begint deze ontwikkeling?

Voortplanting

De groei van de stuifmeelbuis.
Zie figuur B 1811 van de bijlage.

In een bloem (zie tekening) kan zich een stuifmeelkorrel bevinden waaruit een stuifmeelbuis groeit.

Waar zal deze stuifmeelkorrel zich bevinden als de groei van de stuifmeelbuis begint?

afbeeldingafbeelding

Voortplanting

Processen binnen één bloem.

Vier beweringen over de volgorde van enkele processen binnen één bloem zijn:

1. eerst wordt het stuifmeel rijp en daarna ontwikkelen zich de meeldraden;
2. eerst vindt bevruchting plaats en daarna ontwikkelt zich de stuifmeelbuis;
3. eerst smelten kernen van eicel en stuifmeelkorrel samen en daarna ontwikkelt zich het zaad;
4. eerst vindt bevruchting plaats en daarna bestuiving.

Welke bewering is juist?

Voortplanting

De tamme kastanje.
Zie figuur A 772 van de bijlage.

De afbeelding geeft een takje met de kleine groene bloemen van de tamme kastanje weer. Aan een tamme kastanjeboom komen aparte mannelijke en vrouwelijke bloemen. In de afbeelding zijn de bloemen vergroot weergegeven (P en Q). De zaden van de tamme kastanje, de kastanjes, zijn eetbaar.

Welke van de volgende beweringen over de tamme kastanje is of zijn juist?

1. In bloem P ontwikkelen zich na de bestuiving de kastanjes.
2. De bestuiving bij de tamme kastanje vindt hoofdzakelijk plaats door de wind.

afbeeldingafbeelding

Voortplanting

Stuifmeelkorrels en nectar.
Zie figuur B 3552 van de bijlage.

In de afbeelding zijn twee bloemen schematisch getekend.

Bij welke bloem zijn de stuifmeelkorrels ruw en kleverig?

Een van de bloemen bevat nectar.

Welke bloem is dat?

afbeeldingafbeelding

afbeeldingafbeelding

Voortplanting

Type bloemen & stuifmeelkorrels.

Een microscoopglaasje wordt aan één zijde met een kleverige, niet zoete stof bestreken. Dit glaasje wordt eind mei buiten gehangen.
Na een dag wordt het glaasje met een microscoop bekeken. Behalve stof worden ook veel stuifmeelkorrels op het glaasje aangetroffen.

Van welk type bloemen zijn deze stuifmeelkorrels grotendeels afkomstig?

Voortplanting

Tulpenbollen kweken.
Zie figuur B 1093 van de bijlage.

Tulpen zijn bolgewassen die in het voorjaar bloeien. In Nederland worden veel tulpenbollen gekweekt voor de verkoop. In de figuur is een bloeiende tulp weergegeven.
Bollenkwekers poten kleine bollen op hun akkers. Hieruit ontstaan planten die gaan bloeien. Direct nadat de bloemen zich geopend hebben, worden ze verwijderd. Het is gebleken dat bollen van planten waaruit de bloemen zijn verwijderd, het volgend jaar grotere bloemen vormen dan bollen van planten waaruit de bloemen niet zijn verwijderd.

Waardoor wordt dit verschijnsel veroorzaakt?

afbeeldingafbeelding

Voortplanting

Vijf manieren waarop nieuwe planten worden verkregen.

Hieronder staan vijf manieren vermeld waarop nieuwe planten kunnen worden verkregen.

1. door stekken,
2. uit zaden na kruisbestuiving,
3. uit stengelknollen,
4. uit wortelstokken,
5. uit zaden na zelfbestuiving.

Bij welke wijze van ontstaan zullen de nieuwe planten altijd dezelfde erfelijke factoren hebben als een ouder?

Voortplanting

Ontstaanswijze van vier planten.

Hieronder worden vier planten genoemd en hun ontstaanswijze:
afbeeldingafbeelding

Welke van deze planten is (zijn) ontstaan door ongeslachtelijke voortplanting?

Voortplanting

Het stekken van planten.

Is het stekken van planten een vorm van geslachtelijke of van ongeslachtelijke voortplanting?
Is het genotype van de stek hetzelfde als dat van de moederplant?

afbeeldingafbeelding

Voortplanting

Nieuwe planten uit afzonderlijke cellen.

In moderne plantenkwekerijen is men in staat uit afzonderlijke cellen van een blad te kweken.

Is hier sprake van geslachtelijke of van ongeslachtelijke voortplanting?
Is het genotype van de nakomelingen waarschijnlijk gelijk aan dat van de ouderplant?

afbeeldingafbeelding

Voortplanting

Zeer bijzondere rozen.

Iemand ontdekt in zijn tuin enkele struiken met zeer bijzondere rozen. Hij wil graag nakomelingen hiervan hebben met deze zelfde eigenschappen.

Welke van onderstaande voortplantingsmethoden is dan de beste?

Voortplanting

Jonge krokussen.
Zie figuur B 3453 van de bijlage.

De tekening stelt een krokusknol voor met enkele scheuten.
Deze scheuten kunnen van de knol gehaald worden en verder groeien als afzonderlijke planten.

Hebben deze jonge krokussen allemaal hetzelfde genotype?
Zijn deze jonge krokussen ontstaan door ongeslachtelijke voortplanting?

afbeeldingafbeelding

afbeeldingafbeelding

Voortplanting

Organen betrokken bij ongeslachtelijke voortplanting.

Enkele organen die betrokken kunnen zijn bij de voortplanting van planten zijn: knollen, meeldraden, stampers en wortelstokken.

Welke van deze organen zijn betrokken bij ongeslachtelijke voortplanting?

Voortplanting

Ongeslachtelijke voortplanting.
Zie figuur B 1536 van de bijlage.


In de tekeningen van afbeelding zijn manieren van voortplanting bij verschillende planten schematisch weergegeven.

Welke van deze tekeningen geeft of welke geven een manier van ongeslachtelijke voortplanting weer?

afbeeldingafbeelding

Voortplanting

Aardbeiplanten.

Aardbeiplanten vormen uitlopers.

Dit is een voorbeeld van

Voortplanting

Beweringen over wortelstokken.

Welke van de volgende beweringen over wortelstokken is juist?

Wortelstokken zijn

Voortplanting

Een blad waaraan jonge plantjes ontstaan.
Zie figuur B 1836 van de bijlage.

De tekening stelt een blad van een plant voor waaraan jonge plantjes ontstaan.
Als deze jonge plantjes eraf vallen, dan kunnen ze uitgroeien tot volwassen planten.

Deze wijze van ontstaan van nieuwe plantjes is een voorbeeld van

afbeeldingafbeelding