Overerving van kleur en gedrag bij kemphanen
1/2 Kemphanen.
Zie figuur B 5462 van de bijlage.
In de afbeelding hiernaast zijn kemphanen (Philomachus pugnax) weergegeven.
Op grond van hun gedrag kunnen de mannetjes in drie groepen worden verdeeld:
1 de honkmannen: deze bezitten eigen gebiedjes die zelden groter zijn dan een vierkante meter, de honken;
2 de satellieten: mannetjes die een meer zwervend bestaan leiden, maar die wel op honken worden aangetroffen;
3 de randmannen: deze zwerven en slagen er een enkele keer in een honk te veroveren.
Honkmannen kunnen hun honk verliezen en daardoor de status van randman krijgen. Randmannen kunnen een bestaand honk overnemen of een nieuw honk vestigen en daardoor de status van honkman verwerven. Satellieten worden nooit honk- of randman, en honk- of randmannen worden nooit satelliet.
Honkmannen en randmannen vertonen geregeld dreig- en vechthandelingen. Satellieten vertonen dergelijke handelingen zelden of nooit. Verder is er sprake van kleurverschillen tussen honk- en randmannen en satellieten. Honk- en randmannen zijn meestal donker gekleurd; satellieten zijn meestal licht gekleurd. Bij honkmannen, randmannen en satellieten komen echter ook dezelfde kleurpatronen voor.
Onderzoekers hebben de volgende hypothese opgesteld:
‘De status van een kemphaan wordt bepaald door twee verschillende allelen van één gen die eveneens invloed hebben op het verenkleed’.
De homozygote toestand van het ene allel zou altijd moeten leiden tot de ontwikkeling van honk- of randmannen met donkere verenkleden die nooit bij satellieten worden aangetroffen. De homozygote toestand van het andere allel zou altijd moeten leiden tot de ontwikkeling van satellietmannen met verenkleden die uitsluitend bij deze categorie van mannetjes voorkomt. De heterozygote toestand zou leiden tot de ontwikkeling van individuen met verenkleden die zowel bij honk - en randmannen als bij satellieten worden aangetroffen en waarvan de status tijdens de ontwikkeling zou worden vastgelegd.
Bij vogels zijn mannetjes XX en vrouwtjes XY.
Van welk type overerving is sprake bij de overerving van kleurverschillen en gedrag bij kemphanen?
Van
.
afbeelding








