Spijsvertering
Diaree.
Diarree wordt veroorzaakt door
Deze oefentoets bevat 42 vragen en is te gebruiken in een toetsplatform dat QTI 3.0 ondersteunt. De opgaven zijn gemaakt door een vakdocent Biologie van de NVON. Ideaal om leerlingen gericht te laten oefenen en hun kennis te toetsen.
42
Biologie
VO Kerndoel 31: Processen in de natuur
VMBO theoretische leerweg, 3, VMBO theoretische leerweg, 4
NVON
cc-by-sa-40
Diaree.
Diarree wordt veroorzaakt door
Lintworm.
Een lintworm is alleen in staat verteerd voedsel op te nemen en gebruikt dezelfde voedingsstoffen als de mens.
Hij leeft als parasiet in het maag-darmstelsel van de mens.
Wat is voor de lintworm in verband met zijn voedselopname de meest gunstige plaats in het spijsverteringsstelsel van de mens?
1/4 Coeliakie.
Zie figuur A 796 van de bijlage.
Iemand met de ziekte coeliakie is allergisch voor bepaalde eiwitten die ook wel gluten genoemd worden.
Zulke eiwitten komen onder andere voor in graanproducten waarin meel van tarwe, rogge of gerst is verwerkt.
In het lichaam van een coeliakie-patiënt treedt een afweerreactie op tegen gluten in het voedsel.
Als gevolg van deze afweerreactie sterven cellen in het slijmvlies van de dunne darm af en verdwijnen de darmvlokken (zie de afbeelding).
Hierdoor krijgt de patiënt onder andere gebrek aan vitaminen en mineralen, wat ernstige gevolgen voor de gezondheid kan opleveren.
Leg uit waardoor het verdwijnen van darmvlokken tot gevolg heeft dat een patiënt een tekort aan vitaminen en mineralen krijgt.
afbeelding
2/4 Coeliakie.
Om vast te stellen of een patiënt coeliakie heeft, wordt het bloed en het darmslijmvlies onderzocht. Als bepaalde stoffen in het bloed van een patiënt aangetoond kunnen worden, is dit een aanwijzing dat er sprake is van coeliakie.
Welke stoffen in het bloed worden hier bedoeld?
3/4 Coeliakie.
Bij een onderzoek van het darmslijmvlies van een patiënt worden behalve slijmvliescellen ook cellen van onverteerde plantenresten aangetroffen.
Enkele delen in en om een cel kunnen zijn: celkern, celmembraan en celwand.
Welk van deze delen heeft een plantencel wel, maar een cel uit het darmslijmvlies niet?
4/4 Coeliakie.
Zie figuur B 1703 van de bijlage.
Patiënten met coeliakie moeten zich aan een streng dieet houden, en mogen geen producten eten waarin eiwitten zoals gluten voorkomen die de overgevoeligheid veroorzaken.
In de afbeelding hiernaast is een etiket van een voedingsmiddel weergegeven.
Past deze kandijkoek in het dieet van een coeliakie-patiënt? Leg je antwoord uit met behulp van de afbeelding.
afbeelding
1/5 Diabetes.
Zie figuur B 2893 van de bijlage.
'Altijd dorst en voortdurend moe? Laat u zich dan bij uw huisarts controleren op diabetes', adviseert het Diabetes Fonds Nederland.
Diabetes is een ziekte die kan ontstaan doordat de eilandjes van Langerhans geen of minder insuline maken.
Insuline bevordert de opname van glucose in de cellen.
Bij gebrek aan insuline wordt het glucosegehalte in het bloed veel te hoog.
Het lichaam gaat dan glucose uitscheiden met de urine.
Bij de uitscheiding van glucose met de urine gaat veel water verloren, zodat een patiënt steeds dorst heeft.
In de afbeelding is een aantal organen van de mens aangegeven.
Welk cijfer geeft het orgaan aan waarin de eilandjes van Langerhans zich bevinden?
afbeelding
2/5 Diabetes.
Door welk orgaan of door welke organen wordt een teveel aan glucose uit het bloed verwijderd bij een diabetes-patiënt?
3/5 Diabetes.
Karel gaat naar de dokter met klachten over vermoeidheid. Bij onderzoek blijkt dat hij diabetes heeft.
Leg uit dat vermoeidheid ontstaat wanneer lichaamscellen te weinig glucose uit het bloed kunnen opnemen.
4/5 Diabetes.
Door regelmatige injecties met insuline en het opvolgen van voedingsadviezen, kan het glucosegehalte in het bloed van een diabetes-patiënt redelijk constant worden gehouden. Maar als een patiënt te weinig eet of zich meer inspant dan normaal, kan duizeligheid optreden of zelfs bewusteloosheid. Bij bewusteloosheid kan een arts een injectie met glucagon geven.
Wat is het directe gevolg van zo'n injectie met glucagon op de samenstelling van het bloed?
5/5 Diabetes.
Bij duizeligheid krijgt een diabetes patiënt het advies om wat druivensuiker (glucose) te eten of bijvoorbeeld een boterham. Door het eten van een boterham neemt het glucosegehalte van het bloed minder snel toe dan wanneer de patiënt druivensuiker eet.
Leg uit hoe het komt dat door het eten van een boterham het glucosegehalte van het bloed minder snel toeneemt dan na het eten van druivensuiker.
1/2 Diarree.
Sommige bacteriën die via de mond worden opgenomen, zien kans om zich in de dunne en dikke darm te ontwikkelen.
Dit geldt voor de verwekkers van een aantal ziekten, bijvoorbeeld tyfus en paratyfus.
Wanneer deze bacteriën in de dunne en dikke darm terechtkomen, reageert de wand van de dikke darm daarop met het afscheiden van veel vocht, waardoor de uitwerpselen waterig worden: diarree.
Hierdoor wordt de dikke darm als het ware schoongespoeld.
De meeste bacteriën die we via de mond binnenkrijgen, kunnen zich niet in de dunne en dikke darm ontwikkelen.
Voor ze daar aankomen, zijn ze al gedood.
Waar worden de meeste bacteriën gedood?
2/2 Diarree.
Door diarree kan iemand veel vocht verliezen.
Welke van de onderstaande maatregelen kan iemand met diarree in verband hiermee het beste nemen om uitdroging te voorkomen?
1/4 Geelzucht.
Mevrouw Herkens heeft in haar jeugd geelzucht gehad.
Als gevolg van deze ziekte is haar lever blijvend beschadigd.
Zij krijgt een vetarm dieet voorgeschreven, omdat zij vet minder snel kan verteren.
Leg uit waardoor de vertering van vet minder snel gaat wanneer de lever beschadigd is.
2/4 Geelzucht.
Bevat het dieet van mevrouw Herkens vooral weinig zout of vooral weinig vet? Leg je antwoord uit.
3/4 Geelzucht.
Mevrouw Herkens slikt regelmatig geneesmiddelen. Veel geneesmiddelen worden net als voedingsstoffen in het bloed opgenomen via de wand van bepaalde bloedvaten in de dunne darm.
Gaan deze geneesmiddelen dan door de wand van aders, van haarvaten of van slagaders?
4/4 Geelzucht.
Zie figuur B 2244 van de bijlage.
Mevrouw Herkens neemt haar geneesmiddelen in met water.
De afbeelding geeft een doorsnede van een gedeelte van een hoofd weer.
De huig en het strotklepje staan in een bepaalde stand.
Kan iemand drinken bij de weergegeven stand van de huig en het strotklepje?
En inademen?
afbeelding
1/2 Maagzweer.
Een maagzweer is een wondje in de maagwand. Het kan flink wat pijn veroorzaken.
Zo'n zweer bevindt zich meestal bij de maagportier, een kringspier aan het eind van de maag.
Gaat er meer of minder voedsel vanuit de maag naar de twaalfvingerige darm als de maagportier zich samentrekt? Leg je antwoord uit.
2/2 Maagzweer.
Zie figuur B 3310 van de bijlage.
Een maagzweer wordt meestal veroorzaakt door de bacterie Helicobacter pylori.
Tijdens een maagonderzoek wordt bij een patiënt wat weefsel van een maagzweer weggenomen.
In de afbeelding zijn enkele cellen weergegeven die in dit weefsel aangetroffen worden.
Kunnen deze cellen bacteriën zijn?
En kunnen het cellen van de patiënt zijn?
afbeelding
1/3 Listeria.
Zie figuur B 3116 van de bijlage.
Listeria is de naam van een bacterie die ernstige darminfecties kan veroorzaken.
Omdat deze bacteriesoort bijna overal in de natuur voorkomt, kan ze makkelijk in voedsel terechtkomen.
In de afbeelding zijn drie typen cellen weergegeven.
Welke letter geeft bacteriecellen weer?
afbeelding
2/3 Listeria.
Listeria kan ziekte veroorzaken bij mensen met een verzwakte afweer.
Ook mensen die medicijnen gebruiken om de productie van maagzuur te remmen, hebben een verhoogde kans op zo'n infectie.
Leg uit waardoor de kans op een darminfectie door Listeria groter wordt, als de productie van maagzuur wordt geremd.
3/3 Listeria.
Zie figuur A 875 van de bijlage.
Als Listeriabacteriën met voedsel in de dunne darm terechtkomen, dringen ze het darmslijmvlies binnen.
Vanuit de darmwand gaan ze daarna via bloedvat P naar andere organen, zoals de lever.
Wat is de naam van bloedvat P?
De [invulveld].
afbeelding
1/3 Suikerziekte en het oog.
Zie figuur B 3233 van de bijlage.
Suikerziekte ontstaat als de alvleesklier te weinig van een bepaald hormoon maakt.
In de afbeelding is een deel van het lichaam van de mens te zien.
Welke letter geeft de alvleesklier aan?
afbeelding
2/3 Suikerziekte en het oog.
Door de suikerziekte bevat het bloed te veel glucose (bloedsuiker).
In welk deel van het bloed bevindt zich deze glucose?
3/3 Suikerziekte en het oog.
Zie figuur B 3234 van de bijlage.
Bij iemand met suikerziekte wordt soms het netvlies aangetast.
In de afbeelding is een schematische doorsnede van het oog weergegeven.
Welke letter geeft het netvlies aan?
afbeelding
1/2 De ziekte van Hirsprung.
Zie figuur B 3197 van de bijlage.
Sommige kinderen worden geboren met de ziekte van Hirsprung.
Bij hen werkt een deel van de darmen niet goed.
In de afbeelding is de buikholte van zo'n kind getekend.
Welk deel van het spijsverteringskanaal is volgens de afbeelding groter dan normaal?
afbeelding
2/2 De ziekte van Hirsprung.
Wetenschappers hebben ontdekt dat bij deze ziekte bepaalde zenuwcellen ontbreken.
Hierdoor trekken de spieren in het darmgedeelte niet regelmatig samen.
Het spijsverteringskanaal raakt dan verstopt.
Wat is een andere naam voor 'het regelmatig samentrekken van spieren rond een darm'?
1/4 Dikke-darmpoliep.
Een poliep is een uitstulping van het slijmvlies. Slijmvlies is een weefsel dat aan de binnenkant van het spijsverteringskanaal zit.
Wat is een weefsel?
2/4 Dikke-darmpoliep.
Zie figuur B 3427 van de bijlage.
In de afbeelding is een doorsnede van een darm weergegeven.
Op welke plaats bevindt zich het slijmvlies?
afbeelding
3/4 Dikke-darmpoliep.
Zie figuur A 817 van de bijlage.
Vooral bij oudere mensen komen poliepen in de dikke darm voor.
In de afbeelding is het spijsverteringskanaal van een mens weergegeven.
Met welke letter is de dikke darm aangegeven?
afbeelding
4/4 Dikke-darmpoliep.
Soms ontwikkelen darmpoliepen zich tot kwaadaardige gezwellen. Vezelrijke voeding beschermt tegen deze gezwellen.
Een vezelrijk voedingsmiddel is
1/2 Bacterie-infectie.
Zie figuur A 818 van de bijlage.
In een folder stond de volgende tekst: ‘Een infectie met een bepaalde bacterie kan bij volwassenen klachten
veroorzaken die doen denken aan een ontsteking van de blinde darm. De blinde darm zelf is dan niet ontstoken. Wèl het laatste gedeelte van de dunne darm.'
Geef in de afbeelding de plaats van de ontsteking met een kruisje aan.
afbeelding
2/2 Bacterie-infectie.
Zie figuur B 3116 van de bijlage.
In de afbeelding zijn drie soorten cellen weergegeven die in het spijsverteringskanaal van een mens kunnen voorkomen.
Welke letter geeft bacteriën aan?
afbeelding
2/5 Ziekte van Crohn.
Van welk orgaanstelsel vormen de dikke en de dunne darm een deel?
3/5 Ziekte van Crohn.
Klachten die veel voorkomen bij de ziekte van Crohn zijn:
- dunne ontlasting/diarree: de ontstoken darm neemt te weinig vocht op;
- vermagering: de ontstoken darm neemt te weinig voedingsstoffen op.
In welk deel van de darmen ontstaan deze klachten vooral? (combineer het cijfer met een letter)
afbeelding
4/5 Ziekte van Crohn.
Wetenschappers denken dat er verschillende oorzaken zijn voor de ziekte van Crohn. Ze spreken over erfelijkheid, roken en stress.
Welke van deze oorzaken kun je zelf beïnvloeden?
1/3 Een maagworm.
Zie figuur B 2085 van de bijlage.
Een maagworm kan bij een mens de wand van het verteringskanaal beschadigen en ernstige buikpijn veroorzaken. Een maagworm kan voorkomen in rauwe vis. Door koken of bakken wordt een worm in een vis gedood.
In de afbeelding zijn enkele stadia uit het leven van een maagworm weergegeven.
De reeks organismen in de afbeelding is geen voedselketen.
Geef hiervoor twee argumenten.
afbeelding
2/3 Een maagworm.
Een maagworm in een vis wordt gedood door verhitting.
In rauwe vis komen ook andere ziekteverwekkers zoals bacteriën voor.
Worden de meeste van deze bacteriën gedood door afkoeling tot -5°C?
En door verhitting tot 100°C?
3/3 Een maagworm.
Veel bacteriën uit het voedsel worden gedood in het verteringskanaal.
Noem een stof in het verteringskanaal die veel bacteriën doodt.
Dikke-darmpoliep.
Soms ontwikkelen darmpoliepen zich tot kwaadaardige gezwellen. Vezelrijke voeding beschermt tegen deze gezwellen.
Een vezelrijk voedingsmiddel is