Oefentoets Biologie: Plantenanatomie | VMBO theoretische leerweg, 3/VMBO theoretische leerweg, 4 | variant 3

Deze oefentoets bevat 20 vragen en is te gebruiken in een toetsplatform dat QTI 3.0 ondersteunt. De opgaven zijn gemaakt door een vakdocent Biologie van de NVON. Ideaal om leerlingen gericht te laten oefenen en hun kennis te toetsen.

Aantal vragen

20

Vak(ken)

Biologie

Kerndoel(en)

VO Kerndoel 31: Processen in de natuur

Leerniveau(s)

VMBO theoretische leerweg, 3, VMBO theoretische leerweg, 4

Uitgever

NVON

Copyright

cc-by-sa-40

Plantenanatomie

Aantal chromosomen in cambiumcel.
Zie figuur B 717 van de bijlage.

In de tekening stelt P een cambiumcel voor.
Het aantal chromosomen in de kern van P is 20.
Cel P deelt zich in cel Q en cel R.
Cel Q wordt een nieuwe cambiumcel, cel R wordt een bastcel.

Hoeveel chromosomen bevat cel Q?
Hoeveel chromosomen bevat cel R?

afbeeldingafbeelding

afbeeldingafbeelding

Plantenanatomie

Dwarsdoorsnede van een boom.
Zie figuur B 723 van de bijlage.

De foto geeft een dwarsdoorsnede van een boom weer.

Bestaat de donkere ring bij P uit hout of uit bast?
Is deze in het vroege voorjaar of in de nazomer gevormd?

De donkere ring bestaat uit

afbeeldingafbeelding

Plantenanatomie

Doorsnede weer van deel van plantenstengel.
Zie figuur B 694 van de bijlage.

De tekening geeft een doorsnede weer van een deel van een plantenstengel.
Letter Q geeft een houtvat aan.

Werd houtvat Q in het voorjaar of in de nazomer gevormd?
Werd houtvat Q eerder of later dan houtvat R gevormd?

afbeeldingafbeelding

afbeeldingafbeelding

Plantenanatomie

Dwarsdoorsnede van een boomtak.
Zie figuur B 809 van de bijlage.

De foto stelt een dwarsdoorsnede van een tak van een boom voor.

Vanuit welke van de aangegeven lagen in deze tak vindt diktegroei plaats?

afbeeldingafbeelding

Plantenanatomie

Diktegroei boom.

De diktegroei verloopt bij de meeste bomen als volgt: ze begint doorgaans al in het eerste jaar en gaat gedurende het gehele leven verder. In de stengel en in de wortel beginnen bepaalde cellen zich te delen en al spoedig is een gesloten ring van delingsweefsel gevormd.
Dit weefsel zet naar binnen en naar buiten toe cellen af. Naar binnen toe zijn dit cellen die sterk verdikte wanden maken. Het delingsweefsel is niet het gehele jaar door actief.
Bovendien varieert de grootte van de cellen die ontstaan in de loop van het jaar.

Zijn de genoemde cellen met sterk verdikte wanden bastvaten of houtvaten?
Wanneer ontstaan de grootste cellen (laatste zin van de tekst) in de lente of in de herfst?

afbeeldingafbeelding

Plantenanatomie

Diktegroei boom.

De diktegroei verloopt bij de meeste bomen als volgt: ze begint doorgaans al in het eerste jaar en gaat gedurende het gehele leven verder. In de stengel en in de wortel beginnen bepaalde cellen zich te delen en al spoedig is een gesloten ring van delingsweefsel gevormd.
Dit weefsel zet naar binnen en naar buiten toe cellen af. Naar binnen toe zijn dit cellen die sterk verdikte wanden maken. Het delingsweefsel is niet het gehele jaar door actief. Bovendien varieert de grootte van de cellen die ontstaan in de loop van het jaar.

Vindt transport van stoffen van de wortels naar de bladeren gewoonlijk plaats in vaten die zich binnen de in de tekst genoemde gesloten ring van delingsweefsel bevinden?
Bevindt zich in bladeren van bomen ook een gesloten ring van delingsweefsel?

afbeeldingafbeelding

Plantenanatomie

Diktegroei.
Zie figuur B 846 van de bijlage.

Tekening P stelt een dwarsdoorsnede voor van een deel van een stam van een den. In foto Q is met een pijl aangegeven van welke plaats uit de stam de doorsnede van tekening P afkomstig is. De den is 10 meter hoog. De doorsnede is gemaakt op 4 meter hoogte.

Bevindt zich tussen laag 1 en laag 2 cambium?
Is laag 2 gevormd in de nazomer?

afbeeldingafbeelding

afbeeldingafbeelding

Plantenanatomie

Diktegroei.
Zie figuur B 846 van de bijlage.

Tekening P stelt een dwarsdoorsnede voor van een deel van een stam van een den. In foto Q is met een pijl aangegeven van welke plaats uit de stam de doorsnede van tekening P afkomstig is. De den is 10 meter hoog. De doorsnede is gemaakt op 4 meter hoogte.

Zijn de lagen 2 en 3 ontstaan tussen januari en december van hetzelfde jaar?
Bevinden zich vlak bij de grond in de stam evenveel jaarringen als op 4 meter hoogte?

afbeeldingafbeelding

afbeeldingafbeelding

Plantenanatomie

Diktegroei.

Diktegroei van bomen begint door deling en groei van cellen in

Plantenanatomie

Dwarsdoorsnede vaatbundel.
Zie figuur B 1928 van de bijlage.

De afbeelding geeft een doorsnede van een vaatbundel weer.

Welk cijfer geeft weefsel aan waarin celdelingen plaatsvinden?

afbeeldingafbeelding

Plantenanatomie

Dwarsdoorsnede boomtak.
Zie figuur B 1951 van de bijlage.

In een bepaalde tak van een boom komen onder andere de volgende lagen voor:

1. bast,
2. hout gevormd in 1972,
3. hout gevormd in 1975.

De afbeelding B 1951 geeft vier dwarsdoorsneden van deze tak weer.

In welke doorsnede kunnen deze lagen juist genummerd zijn?

afbeeldingafbeelding

Plantenanatomie

Jaarringen in dennenhout.
Zie figuur A 378 van de bijlage.

In de afbeelding geeft foto P een stukje dennenhout weer met jaarringen. Foto Q geeft sterk vergroot een gedeelte van het hout weer. In foto Q is aangegeven welk gedeelte van het hout in 1987 is gevormd.
Ring 1 en ring 2 geven elk een jaarring aan. In één van deze beide jaren is de den minder goed gegroeid dan in andere jaren.

In welk jaar groeide de den minder goed?

afbeeldingafbeelding

Plantenanatomie

Jaarringen.
Zie figuur B 2305 van de bijlage.

De afbeelding stelt een deel van een dwarsdoorsnede van een stukje stam voor.

Welk cijfer geeft een jaarring aan?

afbeeldingafbeelding

Plantenanatomie

Dwarsdoorsnede boomstam.
Zie figuur B 338 van de bijlage.

In een dwarsdoorsnede van een boomstam is het hout dat in een jaar is gevormd, te zien als een jaarring.
Van een boom wordt de stam op de plaatsen 1 en 2 doorgezaagd (zie tekening).

Is het aantal jaarringen op de plaatsen 1 en 2 gelijk of verschillend?
Is de omtrek van de laatstgevormde jaarring op de plaatsen 1 en 2 gelijk of verschillend?

afbeeldingafbeelding

afbeeldingafbeelding

Plantenanatomie

Doorsnede van takje.
Zie figuur B 695 van de bijlage.

De tekening geeft een deel van een doorsnede van een takje weer.
Cijfer 1 geeft een transportvat aan dat in 1977 is gevormd.

Geeft cijfer 2 een hout- of een bastvat aan?
Is transportvat 2 vóór of ná 1977 gevormd?

afbeeldingafbeelding

Plantenanatomie

Doorsnede van blad.
Zie figuur B 1947 van de bijlage.

De afbeelding geeft schematisch een doorsnede van een blad van een boom weer.

In welke van de aangegeven cellen wordt CO2 gevormd?

afbeeldingafbeelding

Plantenanatomie

Tulp.

Uit koolstofdioxide en water kan in planten glucose en zuurstof ontstaan.

In welke van de organen: wortels, bloemstelen en bladeren kan bij tulpen dit proces plaatsvinden?

Plantenanatomie

Processen in boomtak.
Zie figuur B 688 van de bijlage.

's Morgens vroeg wordt bij een tak van een boom op plaats P (zie tekening) de bast rondom weggesneden tot op het hout. Aan het eind van een zonnige dag worden blad 1 en blad 2 met behulp van een jodiumoplossing onderzocht op de aanwezigheid van zetmeel.

Zal blad 1 blauw kleuren?
En blad 2?

afbeeldingafbeelding

afbeeldingafbeelding

Plantenanatomie

Celdeling.

Waar vindt bij een zaadplant celdeling plaats?

Plantenanatomie

Aantal huidmondjes per mm2 .

In de tabel hieronder is van drie planten het gemiddelde aantal huidmondjes per mm2 weergegeven aan de bovenzijde en aan de onderzijde van de bladeren.

afbeeldingafbeelding

Welke van deze planten is het best aangepast aan een droge omgeving?