Oefentoets Biologie: Ziekten | VMBO theoretische leerweg, 3/VMBO theoretische leerweg, 4 | variant 5

Deze oefentoets bevat 20 vragen en is te gebruiken in een toetsplatform dat QTI 3.0 ondersteunt. De opgaven zijn gemaakt door een vakdocent Biologie van de NVON. Ideaal om leerlingen gericht te laten oefenen en hun kennis te toetsen.

Aantal vragen

20

Vak(ken)

Biologie

Kerndoel(en)

VO Kerndoel 31: Processen in de natuur

Leerniveau(s)

VMBO theoretische leerweg, 3, VMBO theoretische leerweg, 4

Uitgever

NVON

Copyright

cc-by-sa-40

Ziekten

3/3 Stamcellen.
Zie figuur C 376 van de bijlage.

In de afbeelding zijn twee celtypen weergegeven die zich uit stamcellen kunnen ontwikkelen: R en S.

Geef de namen van deze twee celtypen.
Schrijf je antwoord zó op:
R = [invulveld]
S = [invulveld]

afbeeldingafbeelding

Ziekten

1/2 Xenotransplantatie.

Bij xenotransplantatie worden organen, weefsels of cellen van een dier naar een mens getransplanteerd. Er bestaat in Nederland een groot tekort aan menselijke donororganen. Men onderzoekt daarom de mogelijkheden van xenotransplantatie.
Na transplantatie komt er een reactie op gang, die tot gevolg heeft dat het lichaamsvreemde orgaan wordt afgestoten. Bij xenotransplantatie is de afstoting sterker dan bij transplantatie van mens naar mens.

Leg uit waardoor de afstoting bij xenotransplantatie sterker is dan bij transplantatie van mens naar mens.

Ziekten

2/2 Xenotransplantatie.

Na een transplantatie moet iemand de rest van zijn leven medicijnen gebruiken die afstoting van het lichaamsvreemde orgaan onderdrukken. Naast het gevaar voor afstoting bestaat er bij xenotransplantatie nog de kans dat ziekteverwekkers uit het dier met het getransplanteerde orgaan mee in het lichaam van de patiënt worden overgebracht.
Als gevolg van de medicijnen die na transplantatie gebruikt worden, zullen dergelijke ziekteverwekkers zich snel kunnen vermeerderen.

Leg uit waardoor ziekteverwekkers zich snel kunnen vermeerderen in het lichaam van een patiënt die medicijnen tegen afstoting gebruikt.

Ziekten

1/2 Mazelen.
Zie figuur B 4470 van de bijlage.

Mazelen is een gevaarlijke ziekte waaraan elk jaar meer dan 700.000 kinderen in de wereld sterven. De ziekte wordt veroorzaakt door een zeer besmettelijk virus dat via de luchtwegen binnendringt. Wie mazelen heeft gehad en is genezen, is daarna levenslang tegen de ziekte beschermd.
Sinds 1976 worden kinderen in Nederland ingeënt tegen mazelen, waardoor het aantal sterfgevallen hier sterk is gedaald (zie het diagram).

Hoeveel sterfgevallen als gevolg van mazelen kwamen er in de jaren 1977 tot en met 2000 voor in Nederland volgens de gegevens in het diagram van figuur B 4470?

afbeeldingafbeelding

Ziekten

1/8 Cholera.

Hieronder is een krantenartikel weergegeven over een besmetting met cholerabacteriën.

'Vuilnisbak van Italië' getroffen door cholera
Van onze correspondent

ROME
Van een epidemie mag van de autoriteiten nog steeds niet worden gesproken. Maar de onrust over de cholera in de Italiaanse regio Apulië neemt steeds meer toe. Tot nu toe is bij tien personen cholera vastgesteld. Maandag werden twee huisvrouwen besmet verklaard. Een van hen had rauwe inktvis gegeten, de ander ongewassen groente.
Apulië ligt in Zuid-Italië, aan de Adriatische kust. Op 21 oktober werd in de Apulische hoofdstad Bari het eerste geval van cholera ontdekt. De cholerabacil komt voor in uitwerpselen en verspreidt zich met afvalwater. Deze bacil is aangetroffen in het rioolstelsel van Bari en van andere plaatsen in Apulië.
Veertig procent van de huizen in Apulië is niet aangesloten op de riolering, in de zuidelijke streek Salento zelfs tachtig procent. Vaak wordt rioolwater geloosd in de grond. Waterzuiveringsinstallaties zijn soms ondeugdelijk.
Groentevelden worden vaak besproeid met afvalwater. Bovendien is Apulië de vuilnisbak van Italië. Veel vuil uit het noorden wordt 's nachts illegaal gestort. Daarover gaat een laag aarde. Op deze gifgrond groeien gewassen en graast vee. In Apulië wordt zeefruit, de basis van het lokale menu, bij voorkeur rauw opgediend. Tot maandag hadden alle Apulische cholerapatiënten een paar dagen voor ze ziek werden rauwe vis of rauw zeefruit gegeten. Dat was gewassen met besmet water, of op de markt besprenkeld met besmet zeewater. In Bari wordt dat water gehaald uit de haven, waarin het stedelijk rioolstelsel uitmondt.
De autoriteiten gaven de bevolking de raad de vis en het zeefruit eerst te koken - de cholerabacil gaat bij vijftig graden dood - en elementaire hygiënische voorzorgsmaatregelen te nemen. Maar de maatregel om het besproeien van groentevelden met afvalwater te staken, werd niet uitgevoerd. Zondag werden cholerabacillen aangetroffen op een partij venkel op de centrale groentemarkt van Bari.




-

Ziekten

2/8 Cholera.

Eén manier van besmetting met cholerabacteriën vond plaats via het eten van vis. In de tekst wordt een oorzaak genoemd waardoor deze manier van besmetting juist in Apulië plaatsvond en niet in andere gebieden.

Geef van de zin waarin deze oorzaak wordt genoemd, de twee eerste en de twee laatste woorden.

Ziekten

3/8 Cholera.

Hoe kwamen de cholerabacteriën in het zeewater bij Apulië terecht?

Ziekten

4/8 Cholera.

In de tekst worden maatregelen genoemd om de cholerabesmetting via het eten van vis tegen te gaan.

Geef van de zin waarin deze maatregelen worden genoemd, de twee eerste en de twee laatste woorden.

Ziekten

5/8 Cholera.

Een tweede manier van besmetting vindt plaats via het eten van groenten.

Hoe kwamen in Apulië de cholerabacteriën op de groenten terecht?

Ziekten

6/8 Cholera.

Welke maatregel werd geadviseerd om besmetting via het eten van groenten tegen te gaan?

Ziekten

7/8 Cholera.

Cholerabacteriën kunnen zich elke 30 minuten delen.

Hoeveel nakomelingen kunnen er in een uur ontstaan uit één cholerabacterie, als de omstandigheden gunstig zijn?
Dit zijn er [invulveld]

Ziekten

8/8 Cholera.

Bereken hoeveel nakomelingen er in 8 uur kunnen ontstaan uit één cholerabacterie. Ga ervan uit dat alle nakomelingen in leven blijven. Dit zijn er dan [invulveld]

Ziekten

1/4 De bestrijding van malaria.

De bestrijding van malaria, een belangrijke doodsoorzaak in grote delen van de tropen, heeft nog steeds weinig succes. De bestrijding richt zich vooral tegen de malariamug, de verspreider van de ziekte. Men bespoot de plaatsen waar de muggen voorkomen met bestrijdingsmiddelen. Deze methode veroorzaakt een grote belasting van het milieu. Bovendien moet het spuiten voortdurend worden herhaald, waardoor extra milieuvervuiling optreedt. De methode roeit ook andere dieren uit zoals de natuurlijke vijanden van de mug. Vaak worden verouderde spuitmiddelen gebruikt en middelen die giftig zijn voor de mens. Bovendien zijn de muggen door het vele spuiten ongevoelig (resistent) geworden voor veel van de middelen.
Daarom ging men op zoek naar andere methoden. Zo heeft men geprobeerd het aantal muggen te verminderen met onvruchtbare mannetjes. Men bestraalde mannetjesmuggen, waardoor ze geen spermacellen meer produceerden. Ze konden nog wel paren. Deze mannetjes werden losgelaten in een gebied waar malaria heerste.
Vrouwtjes die met deze mannetjes paarden, legden daarna onbevruchte eieren, die niet uitkomen.

Door het loslaten van de onvruchtbare mannetjesmuggen komen er op den duur minder malariamuggen.

Komen er alleen minder mannetjesmuggen, alleen minder vrouwtjesmuggen of minder mannetjesmuggen en minder vrouwtjesmuggen?

Ziekten

2/4 De bestrijding van malaria.

In de tekst wordt als nadeel voor het milieu het uitroeien van andere dieren zoals de natuurlijke vijanden van de mug genoemd.

Leg uit waardoor ook andere dieren worden uitgeroeid, hoewel ze niet rechtstreeks worden bespoten met de bestrijdingsmiddelen.

Ziekten

3/4 De bestrijding van malaria.
Zie figuur A 693 van de bijlage.

Malaria is een ziekte, die gepaard gaat met aanvallen van hoge koorts. Koorts is hier een lichaamstemperatuur boven de 37 graden Celsius. Bij een malariapatiënt is gedurende 24 uur om de vier uur de lichaamstemperatuur gemeten. In de tabel hieronder staan de gegevens vermeld.
afbeeldingafbeelding
In de figuur A 693 staat een assenstelsel.

Zet hierin de gegevens uit de tabel uit in een lijndiagram. Maak voor het diagram zo goed mogelijk gebruik van het assenstelsel.

afbeeldingafbeelding

Ziekten

4/4 De bestrijding van malaria.

Leid uit het diagram af hoe lang de koortsaanval bij de patiënt die dag duurde. Deze duurde [invulveld] uur

Ziekten

1/5 Malaria.
Zie figuur B 3599 en figuur B 3600 van de bijlage.

Malaria is een ziekte die wordt veroorzaakt door een ééncellig diertje. Het diertje leeft in malariamuggen.
Er bestaan verschillende soorten malariamuggen.
In de afbeelding is een soort malariamug weergegeven.

Welk van afgebeelde figuren stelt een ééncellig diertje voor.

afbeeldingafbeeldingafbeeldingafbeelding

Ziekten

2/5 Malaria.

De mug voedt zich met bloed. De mug steekt de steeksnuit in de huid en spuit eerst wat speeksel in het wondje.
In het speeksel zit een stof die het stollen van het bloed tegengaat.

Welke bloeddeeltjes spelen een rol bij de bloedstolling?

Ziekten

3/5 Malaria.
Zie figuur A 833 van de bijlage.

Als een mug een mens steekt, komt het ééncellig diertje in het lichaam. Het diertje komt via het bloed in de lever. In de levercellen vermeerdert het diertje zich. De levercellen sterven en duizenden diertjes komen vrij.

Iemand wordt op plaats P door een besmette malariamug gestoken. De ééncellige diertjes worden door het bloed naar de lever gevoerd.

Geef met een duidelijke lijn in de tekening van figuur A 833 de kortste weg van het bloed van plaats P naar de lever aan.

afbeeldingafbeelding