Oefentoets Biologie: Zenuwstelsel - algemeen | HAVO 1/HAVO 2/HAVO 3 | variant 3

Deze oefentoets bevat 20 vragen en is te gebruiken in een toetsplatform dat QTI 3.0 ondersteunt. De opgaven zijn gemaakt door een vakdocent Biologie van de NVON. Ideaal om leerlingen gericht te laten oefenen en hun kennis te toetsen.

Aantal vragen

20

Vak(ken)

Biologie

Kerndoel(en)

VO Kerndoel 31: Processen in de natuur

Leerniveau(s)

HAVO 1, HAVO 2, HAVO 3

Uitgever

NVON

Copyright

cc-by-sa-40

Zenuwstelsel

Functie van bewegingszenuwcellen.

Wat is een functie van bewegingszenuwcellen in het lichaam van de mens?

Zenuwstelsel

Typen zenuwcellen in een arm.
Zie figuur B 1942 van de bijlage.

De afbeelding geeft schematisch drie verschillende typen zenuwcellen van de mens weer.

Hoeveel van deze typen cellen kunnen in hun geheel in een arm voorkomen?

afbeeldingafbeelding

Zenuwstelsel

Bewustwording van prikkels.

Een zintuig wordt geprikkeld en geeft impulsen af.

Waar in het centrale zenuwstelsel speelt zich het proces af waarbij bewustwording van die prikkels optreedt?

Zenuwstelsel

Het waarnemen en oprapen van een appel.

Iemand ziet een appel op de grond liggen en raapt deze op.

Spelen de grote hersenen een rol bij het waarnemen van de appel?
En bij het oprapen van de appel?

afbeeldingafbeelding

Zenuwstelsel

Een belangrijke rol van de grote hersenen.

Enkele activiteiten van het zenuwstelsel van de mens zijn:

1. het verwerken van impulsen afkomstig van een oog;
2. het regelen van een gewilde beweging van een arm,
3. het geleiden van impulsen bij een kniepeesreflex.

Bij welke van deze activiteiten spelen de grote hersenen een belangrijke rol?

Zenuwstelsel

Bewustwording van prikkels.
Zie figuur B 859 van de bijlage.

De tekening stelt een deel van het zenuwstelsel van de mens voor.

In welk van de aangegeven delen vindt bewustwording van prikkels plaats?

afbeeldingafbeelding

Zenuwstelsel

Motorische & sensorische centra.
Zie figuur B 569 van de bijlage.

De tekening stelt een doorsnede van een helft van de grote hersenen bij een mens voor.
In deze tekening zijn twee lagen aangegeven: gestippeld en niet-gestippeld.

In welke laag vooral liggen de motorische centra?
En in welke laag vooral liggen de sensorische?

afbeeldingafbeelding

Zenuwstelsel

Een draad door het oog van een naald.

Iemand steekt een draad in het oog van een naald.

Zijn hierbij bewegingscentra van de hersenen betrokken?
En zijn hierbij gevoelscentra betrokken?

Zenuwstelsel

De plaats van de hersenstam.
Zie figuur B 711 van de bijlage.

De tekening geeft een gedeelte van het zenuwstelsel van de mens weer.

Welk van de aangegeven delen behoort tot de hersenstam?

afbeeldingafbeelding

Zenuwstelsel

De hypofyse.
Zie figuur A 397 van de bijlage.

Afgebeeld staat een doorsnede getekend van het hoofd.

In dit schema wordt het hersenaanhangsel met de naam hypofyse aangegeven met het cijfer

afbeeldingafbeelding

Zenuwstelsel

Op een ladder werken.

Iemand staat op een ladder en slaat een spijker in een muur.

Welk deel van het zenuwstelsel zorgt vooral voor de fijne coördinatie van de bewegingen die hierbij worden gemaakt?

Zenuwstelsel

De hersenen van onder gezien.
Zie figuur B 1864 van de bijlage.

De afbeelding geeft de hersenen van de mens weer van onder gezien.

Hoe heet het met P aangegeven deel?

afbeeldingafbeelding

Zenuwstelsel

Nauwkeurige coördinatie van spierbewegingen.
Zie figuur B 878 van de bijlage.

De afbeelding stelt een gedeelte van het zenuwstelsel van de mens voor, van achteren gezien.

Welk van de aangegeven delen zorgt vooral voor de nauwkeurige coördinatie van spierbewegingen?

afbeeldingafbeelding

Zenuwstelsel

De rol van de kleine hersenen.

Karin ziet een appel liggen. Zij pakt de appel op om hem op te eten.

Spelen de kleine hersenen een rol bij het zien van de appel?
En bij het oppakken van de appel?

afbeeldingafbeelding

Zenuwstelsel

Fijne coördinatie van de spieractiviteiten.

Het deel van de hersenen van een volwassen mens waarin fijne coördinatie van de spieractiviteiten plaatsvindt is te vinden in

Zenuwstelsel

Een zenuwcel met een spier & het ruggenmerg.
Zie figuur B 1819 van de bijlage.

Figuur 1 van de afbeelding stelt een zenuwcel met een spier voor en figuur 2 een dwarsdoorsnede van het ruggenmerg van de mens.

Is de zenuwcel een bewegings- of een gevoelszenuwcel?
Op welke plaats, P of Q, kan zich het cellichaam van deze zenuwcel bevinden?

afbeeldingafbeelding

afbeeldingafbeelding

Zenuwstelsel

Uitlopers van het ruggenmerg.
Zie figuur B 2195 van de bijlage.

De tekening geeft een doorsnede van een deel van het zenuwstelsel van de mens weer.
Impulsen komen aan de rugzijde van het ruggenmerg binnen.

Kan uitloper P rechtstreeks in verbinding staan met een zintuig in een been?
Kan uitloper Q rechtstreeks in verbinding staan met een spier in een been?

afbeeldingafbeelding

afbeeldingafbeelding

Zenuwstelsel

Impulsen in een bewegingszenuw.

Impulsen in een bewegingszenuw gaan onder andere van

Zenuwstelsel

Impulsgeleiding in het zenuwstelsel.

Enkele delen van het zenuwstelsel van de mens zijn:

1. een armzenuw,
2. een oogzenuw,
3. het ruggenmerg.

Door welke van deze delen kunnen impulsen geleid worden?

Zenuwstelsel

Impulsgeleiding in het zenuwstelsel.

Enkele delen van het zenuwstelsel van de mens zijn:

1. een armzenuw,
2. de hersenstam,
3. het ruggenmerg.

Door welke van deze delen kunnen impulsen geleid worden?