Oefentoets Biologie: Spijsvertering | VWO 4/VWO 5/VWO 6 | variant 8

Ontdek de digitale toets over de spijsvertering, met onderwerpen zoals dialyse, enzymwerking en voedingsanalyse, gericht op studenten biologie en gezondheidswetenschappen. Deze toets biedt inzicht in de complexe processen van de spijsvertering en de rol van verschillende enzymen en voedingsstoffen. - 20 vragen

Aantal vragen

20

Vak(ken)

Biologie

Kerndoel(en)

VO Kerndoel 31: Processen in de natuur

Leerniveau(s)

VWO 4, VWO 5, VWO 6

Uitgever

NVON

Copyright

cc-by-sa-40

Dialyse en Zetmeelreacties

Dialyse.
Zie figuur B 5810 van de bijlage.

Bekijk de afbeelding hiernaast.
Men vult een geweekte dialyseslang (1) met 20 mL van een 4% zetmeel-oplossing. Een andere geweekte dialyseslang (3) wordt gevuld met 10 mL van een 40% zetmeel-oplossing en 10 mL alvleessap.
De dialyseslangen worden in bekerglazen geplaatst met gedestilleerd water (2 en 4), terwijl de temperatuur op 37ºC wordt gehouden. In de tekening is de dialyseslang op dwarsdoorsnede getekend.
Na een uur worden herkenningsreacties uitgevoerd op de vloeistoffen in 1, 2, 3 en 4 met behulp van jodium en Haines' reagens.

Wat zullen de reacties zijn?
Met jodium .

Met Haines' reagens .

afbeeldingafbeelding

Dialyse en de detectie van suikers

Dialyse.
Zie figuur B 5811 van de bijlage.

In twee proefopstellingen volgens nevenstaande figuur is bij de aanvang van het experiment in het water buiten de dialyseslang geen zetmeel en geen glucose of maltose aanwezig.

Na verloop van tijd kan men

afbeeldingafbeelding

Eiwitgehalte in speeksel bij voedselinname

Eiwit in het speeksel.

Het eiwitgehalte van speeksel is het hoogst bij gebruik van voedsel dat bevat.

Voeding van vogels met dubbele blinde darmen

Blinde darm.
Zie figuur B 5812 van de bijlage.

Bij vogels als sneeuwhoen en korhoen zijn er twee blinde darmen, die zeer lang zijn.

Waaruit bestaat hun voedsel voornamelijk?

Uit .

afbeeldingafbeelding

Effect van pancreassap op vetafbraak

Een proef met pancreassap.
Zie figuur B 5813 van de bijlage.

De bekerglazen hiernaast bevatten alle drie gelijke hoeveelheden melk met 3,5% vet, gelijke hoeveelheden pancreassap en gelijke hoeveelheden gal, respectievelijk water.
Ze worden op 37°C gehouden.

Na enige tijd blijkt uit een test dat:

1. bekerglas 1 veel vrije vetzuren bevat;
2. bekerglas 2 weinig vrije vetzuren bevat;
3. bekerglas 3 geen vrije vetzuren bevat.

Welke van de volgende conclusies kan niet uit deze waarnemingen getrokken worden?

afbeeldingafbeelding

Vetsplitsing en enzymbinding

Vet splitsen.
Zie figuur B 5814 van de bijlage.

Op welke binding werkt een vetsplitsend enzym in?

Op binding .

afbeeldingafbeelding

Vertering van Sacharose in het Lichaam

Vertering van sacharose.

De biochemische vertering van sacharose (biet- of rietsuiker) vindt plaats in de .

Kleuring van voedingsbodems met jodium

Kleuring met jodium.

Op elk van vier weinig zetmeelhoudende voedingsbodems wordt één van de volgende vier oplossingen gebracht:

1. een verse honing-oplossing;
2. een speeksel-oplossing;
3. een stuifmeel-oplossing;
4. een pepsine-oplossing.

Welke twee oplossingen hebben de kleinste kans om de voedingsbodem blauw te laten kleuren met jodium?

Invloed van pH op de maagportier

Maagportier.

Verslapping van de maagportier (pylorus) wordt bevorderd door

Neutralisatie van maagzuur in de darm

Een chemische reactie.

NaHCO3 + HCl ® Na+ + Cl- + H2 O + CO2

Bovenstaande chemische reactie vindt plaats in de

Analyse van voedingsstoffen in een voedingsmiddel

Analyse.

Bij de analyse van een voedingsmiddel zijn de volgende herkenningsreacties positief: jood-kaliumjodide, Haines reagens, joodzinkchloride en biureet.
afbeeldingafbeelding

Welk alternatief in de tabel hierboven geeft correct aan welke voedingsstoffen in dit voedingsmiddel aanwezig zijn? ( + = aanwezig, - = afwezig)?

Dat is alternatief .

Oorzaken van Vettige Ontlasting

Ontlasting.

De ontlasting van meneer A is vettig en lichtgekleurd.

Vier leerlingen doen daarover een uitspraak.

Evert: "Meneer A produceert teveel gal, waardoor vetsplitsende enzymen hun werk niet goed doen."
Janneke: "De galblaas van meneer A produceert te weinig gal, waardoor het vet in zijn voedsel niet voldoende geëmulgeerd wordt."
Loeki: "Meneer A heeft een aandoening aan zijn lever, waardoor er te weinig gal geproduceerd wordt."
Peter: "Door een galsteen kunnen de enzymen in de gal de dunne darm van meneer A niet bereiken."

Welke uitspraak is juist?

Die van .

Resorptie in de Dunne Darm en Leverfunctie

Resorptie in de dunne darm.

De resorptie in de dunne darm van de mens wordt moeilijker als de lever stopt met galproductie.

Welke stoffen worden vooral moeilijk in het bloed opgenomen?

Dat betreft .

De werking van enzymen na ananasconsumptie

Zweedse flyers.
Zie figuur B 5815 van de bijlage.

In de Zweedse flyer van een supermarkt hiernaast staan belangrijke voordelen van de ananas vermeld.
Onder andere staat er: Enzymer som underlättar matsmältingen (Enzymen die de spijsvertering bevorderen).

Leg uit dat die enzymen hun werk niet kunnen doen nadat je ananas gegeten hebt.

afbeeldingafbeelding

Enzymen en de spijsvertering van kiwi

Zweedse flyers.
Zie figuur B 5816 van de bijlage.

In de Zweedse flyer van een supermarkt hiernaast staan belangrijke voordelen van de kiwi vermeld. Onder andere staat er: Enzymer som underlättar matsmältingen (Enzymen die de spijsvertering bevorderen).

Leg uit dat die enzymen hun werk niet kunnen doen nadat je kiwi gegeten hebt.

afbeeldingafbeelding

Regulatie van maagsapsecretie en zenuwstelsels

1/3 Regulatie van maagsapsecretie.
Zie figuur A 1216 van de bijlage.

De secretie van maagsap wordt door verschillende factoren beïnvloed. In de afbeelding hiernaast is een aantal van deze factoren weergegeven.
Als impulsen via een bepaalde zenuw X de maag bereiken, neemt de afgifte van maagsap toe.

Tot welk zenuwstelsel kan die zenuw X worden gerekend?

Tot het zenuwstelsel.

afbeeldingafbeelding

Regulatie van maagsapsecretie en bloedvaten

2/3 Regulatie van maagsapsecretie.

Gastrine en secretine zijn stoffen die de maagsapsecretie bevorderen. Deze stoffen worden door het bloed naar de maag getransporteerd.
Enkele bloedvaten zijn:

1. poortader
2. leverslagader
3. leverader
4. longslagader
5. aorta
6. darmslagader.

Een molecuul secretine wordt via de kortste route vanuit de plaats van vorming naar de maag getransporteerd.

Welke van de genoemde bloedvaten bevinden zich achtereenvolgens in deze kortste route?

Regulatie van pepsinogeen in maagsap

3/3 Regulatie van maagsapsecretie.

Per etmaal wordt 3 tot 4 liter maagsap afgegeven dat onder andere water, HCl en pepsinogeen bevat.
In de maagholte wordt pepsinogeen omgezet in het actieve enzym pepsine.
Pepsinogeen is in tegenstelling tot pepsine niet in staat tot hydrolyse van voedingstoffen.
Over de afgifte van pepsinogeen als inactief pepsine worden de volgende beweringen gedaan:

1. hierdoor wordt voorkomen dat eiwitten van de maagwandcellen worden gehydrolyseerd,
2. hierdoor wordt voorkomen dat vetten van de maagwandcellen worden gehydrolyseerd,
3. hierdoor wordt voorkomen dat het DNA van de maagwandcellen worden gehydrolyseerd.

Welke van deze beweringen is of welke zijn juist?

Gevolgen van gladde darmwand

Darmvlokken.

Als het binnenoppervlak van de dunne darm van de mens glad zou zijn, in plaats van geplooid en verdeeld in darmvlokken, wat zou dat dan betekenen?

Onderdelen van de spijsvertering bij parasieten

Lintworm.
Zie figuur B 5817 van de bijlage.

Parasieten zoals de lintworm missen een of meer onderdelen die van belang zijn bij de spijsvertering.

Welk onderdeel of welke onderdelen?

afbeeldingafbeelding