Ecologie
4/5 Een zoetwaterplas.
Zie figuur B 5142 van de bijlage.
In één van deze plassen treedt verlanding op.
In nevenstaande afbeelding is weergegeven hoe deze plas er aan het begin van dit verlandingsproces uitzag.
Enkele van de fasen waarin verlanding zich in het algemeen voltrekt, worden hieronder in willekeurige volgorde genoemd:
Fase P: met ondergedoken waterplanten;
Fase Q: met op de bodem van de plas wortelend riet en biezen;
Fase R: met drijvende waterplanten, zoals watervarens en kroos;
Fase S: met elzen-, berken- en wilgenbroekbos;
Fase T: met tussen het riet groeiend veenmos.
Op een bepaald moment begint de verlanding op plaats V in de plas.
Zet de genoemde fasen op plaats V in de rechter kolom op de juiste plaats bij de cijfers in de linkerkolom, waarbij 1 t/m 5 het achtereenvolgende verloop in de tijd weergeeft.
afbeelding







