Oefentoets Biologie: Plantenanatomie - Plantenanatomie | VMBO theoretische leerweg, 3/VMBO theoretische leerweg, 4

Deze oefentoets bevat 15 vragen en is te gebruiken in een toetsplatform dat QTI 3.0 ondersteunt. De opgaven zijn gemaakt door een vakdocent Biologie van de NVON. Ideaal om leerlingen gericht te laten oefenen en hun kennis te toetsen.

Aantal vragen

15

Vak(ken)

Biologie

Kerndoel(en)

VO Kerndoel 31: Processen in de natuur

Leerniveau(s)

VMBO theoretische leerweg, 3, VMBO theoretische leerweg, 4

Uitgever

NVON

Copyright

cc-by-sa-40

Plantenanatomie

Stengel boterbloem.
Zie figuur A 92 van de bijlage.

De foto geeft een deel van een doorsnede van een stengel van een boterbloem weer.

Welk type weefsel is aangegeven met P?

afbeeldingafbeelding

Plantenanatomie

Doorsnede blad.
Zie figuur A 217 van de bijlage.

In de figuur staat een tekening van een dwarsdoorsnede door een deel van een blad.

Op welke van de genummerde plaatsen kan er sprake zijn van turgor?

afbeeldingafbeelding

Plantenanatomie

Stevigheid kruidachtge plant.
Zie figuur B 804 van de bijlage.

De tekening geeft een kruidachtige plant weer.
Over de stevigheid van deze plant wordt het volgende gezegd:

I. Cellulose speelt een rol bij de stevigheid van de plant.
II. Houtstof in de vaatbundels speelt een rol bij de stevigheid van de plant.

afbeeldingafbeelding

Plantenanatomie

Stevigheid kruidachtge plant.
Zie figuur B 804 van de bijlage.

De tekening geeft een kruidachtige plant weer.
Over de stevigheid van deze plant worden drie beweringen gedaan:

Bewering 1: Onder andere cellulose speelt een rol bij de stevigheid.
Bewering 2: Onder andere houtstof in vaatbundels speelt een rol bij de stevigheid.
Bewering 3: Onder andere turgor speelt een rol bij de stevigheid.

Welke van deze beweringen is of welke zijn juist?

afbeeldingafbeelding

Plantenanatomie

Stevigheid.

De volgende drie stoffen kunnen in organismen voorkomen:

1. cellulose,
2. chitine,
3. water.

Welke van deze stoffen spelen een rol bij de stevigheid van cellen in een paardenbloemstengel?

Plantenfysiologie

Turgor.
Zie figuur B 666 van de bijlage.

De tekening stelt een paardenbloem voor.

In welk of in welke van de genummerde delen komen cellen met turgor voor?

afbeeldingafbeelding

Plantenfysiologie

Stevigheid van slabladeren.

De bladeren van sla-planten zijn bevatten veel water.

Hoe wordt de stevigheid van deze bladeren vooral verkregen?

Plantenfysiologie

Plantaardige cellen.

Drie soorten cellen van een plant zijn :

1. cellen uit het vulweefsel van een blad,
2. een sluitcel van een geopend huidmondje,
3. een opperhuidcel van een wortel.

Welke van deze cellen vertoont of welke vertonen turgor?

Plantenfysiologie

Cellen van boterbloem.

Enkele celtypen van een boterbloem zijn:

1. cellen uit het vulweefsel van een blad,
2. sluitcellen van de opperhuid van een blad,
3. opperhuidcellen van een stengel.

Welke van deze cellen vertoont of welke vertonen turgor?

Plantenfysiologie

Waterverlies van plant op zonnige dag.

Een bepaalde plant geeft op een warme, zonnige dag meer water af dan deze opneemt.

Neemt de turgor van de cellen van die plant toe of af?
Wordt het volume van de cellen groter of kleiner?

Plantenfysiologie

Turgor.

Twee beweringen over turgor bij planten zijn:

I. De turgor van een cel neemt af als de cel meer water opneemt dan afgeeft.
II. De turgor verleent stevigheid in kruidachtige en houtachtige planten.

Plantenfysiologie

Stevigheid van kruidachtige planten.

De stevigheid van kruidachtige planten komt voor een belangrijk deel tot stand door

Plantenfysiologie

Beweringen.

I. Kruidachtige planten staan altijd rechtop als er genoeg water is.
II. De stam van houtige planten kan niet slap hangen.

Welke bewering is of welke beweringen zij juist?

Plantenanatomie

Celwand van planten.

Welke van onderstaande stoffen komt in de celwanden van plantencellen voor en geeft deze cellen stevigheid?