Oefentoets Biologie: Plantenanatomie | VMBO theoretische leerweg, 3/VMBO theoretische leerweg, 4 | variant 27

Deze oefentoets bevat 20 vragen en is te gebruiken in een toetsplatform dat QTI 3.0 ondersteunt. De opgaven zijn gemaakt door een vakdocent Biologie van de NVON. Ideaal om leerlingen gericht te laten oefenen en hun kennis te toetsen.

Aantal vragen

20

Vak(ken)

Biologie

Kerndoel(en)

VO Kerndoel 31: Processen in de natuur

Leerniveau(s)

VMBO theoretische leerweg, 3, VMBO theoretische leerweg, 4

Uitgever

NVON

Copyright

cc-by-sa-40

Plantenanatomie en -fysiologie

2/2 Schimmels.

Bij de iepenziekte zijn bepaalde schimmels in de boom doorgedrongen. Zij vormen grote blazen die bepaalde transportvaten in de zieke iep afsluiten. Een direct gevolg hiervan is dat de bladeren verdorren en afvallen.
De afgevallen bladeren worden weer door andere schimmels afgebroken.

Welke rol spelen deze schimmels in het ecosysteem waar zij samen met de iepen deel van uitmaken?

Plantenfysiologie

Uitdroging van planten.

Organismen kunnen zich tegen uitdroging beschermen onder andere door een waslaag, een kurklaag, een hoornlaag of een chitinelaag.

Welke lagen kunnen voorkomen bij planten met bladgroen?

Plantenfysiologie

Een aardappelplant.
Zie figuur B 1851 van de bijlage.

De tekening stelt een aardappelplant voor.

Welke reservestof kan zowel in P als in Q voorkomen?
Met welke indicator kan de aanwezigheid van deze reservestof worden aangetoond?

afbeeldingafbeelding

afbeeldingafbeelding

Plantenfysiologie

Tulp.
Zie figuur B 2182 van de bijlage.

De tekening stelt een tulp voor.

Komen in cellen in deel P eiwitten voor?
Komen in cellen in deel P koolhydraten voor?

afbeeldingafbeelding

afbeeldingafbeelding

Plantenfysiologie

Olie uit plantendelen.

Vroeger werden in zogenaamde olieslagerijen en oliemolens bepaalde plantendelen verhit en met behulp van slagblokken uitgeperst. Zo werd uit deze plantendelen olie gewonnen.

Welke plantendelen waren geschikt voor deze oliewinning?

Plantenfysiologie

Beweringen.

I. Kruidachtige planten staan altijd rechtop als er genoeg water is.
II. De stam van houtige planten kan niet slap hangen.

Welke bewering is of welke beweringen zij juist?

Plantenfysiologie

Een wortel onder loep en microscoop.
Zie figuur A 346 van de bijlage.

In de afbeelding zijn drie tekeningen van een plant weergegeven.
Piet graaft voorzichtig een plant uit. Hij spoelt de wortels af en maakt eerst een tekening van wat hij met het blote oog waarneemt (tekening 1). Tekening 2 geeft weer, wat hij ziet met een loep. Tekening 3 geeft een cel weer uit zone P, gezien door een microscoop.

De kleine uitsteeksels aan de wortels (zie tekeningen) zorgen ervoor dat de plant

afbeeldingafbeelding

Plantenanatomie

Celwand van planten.

Welke van onderstaande stoffen komt in de celwanden van plantencellen voor en geeft deze cellen stevigheid?

Plantenanatomie

Een- en tweezaadlobbig.
Zie figuur C 239 van de bijlage.

In het hierboven afgebeelde schema wordt een aantal eigenschappen van een- en tweezaadlobbige planten gevraagd.

Vul in het schema op de bijlage de gevraagde eigenschappen van een- en tweezaadlobbigen in.

afbeeldingafbeelding

Plantenanatomie

Bladluizen.

Bladluizen leven van suikerrijk plantensap. Zij zuigen dit sap onder andere uit de nerven van de bladeren van een plant.

Aan welke kant van een blad zullen zich in verband daarmee de meeste bladluizen bevinden?

Aan de [invulveld]kant.

Plantenanatomie

Beroepen.

Noem 2 beroepen waarvoor je verstand van hout moet hebben:

- één beroep moet een praktisch beroep zijn,
- voor het andere moet je verder doorleren.

Plantenanatomie

Eetbare plantendelen.

Welk deel is of welke delen worden in het algemeen gegeten bij onderstaande planten? Schuif het juiste plantendeel achter het voedingsmiddel (sommige gebruik je meerdere malen).

  • vrucht
  • wortel
  • blad
  • stengel
  • vrucht
  • stengel
  • blad
  • blad
  • zaad
  • stengel
  • wortel
  • blad
  • komkommer
  • winterpeen
  • witlof
  • asperge
  • pruim
  • rabarber
  • ui
  • spinazie
  • erwt
  • aardappel
  • koolrabi
  • savooiekool

Plantenanatomie

Eetbare plantendelen.

Welk deel is of welke delen worden in het algemeen gegeten bij onderstaande planten?
Schuif het juiste plantendeel achter het voedingsmiddel (sommige gebruik je meerdere malen).

  • vrucht
  • zaad
  • stengel
  • wortel
  • blad
  • stengel
  • vrucht
  • wortel
  • blad
  • stengel
  • wortel
  • blad
  • aubergine
  • tuinboon
  • zoethout
  • schorseneer
  • sla
  • asperge
  • kers
  • rode biet
  • knoflook
  • aardappel
  • koolraap
  • tijm

Plantenanatomie

Bladluizen.

Bladluizen leven van suikerrijk plantensap. Zij zuigen dit sap onder andere uit de nerven van de bladeren van een plant.

Uit welke vaten vooral halen bladluizen hun voedsel?

Uit de [invulveld]vaten.

Plantenanatomie

Paardenbloem.

Frits weet in het gazon achter zijn huis een echte paardenbloem te staan. Met de vorst is hij echter helemaal bevroren en afgestorven. Toch komt de plant in de lente weer levend en wel te voorschijn.

Verklaar hoe dat mogelijk is.

Plantenanatomie

Wortel.

In wortels kan reservevoedsel worden opgeslagen. Wortels hebben nog andere functies.

Noem een andere functie van wortels.

Plantenfysiologie

1/2 (Reserve)stoffen bij mensen en planten.
Zie figuur B 1935 van de bijlage.

De afbeelding geeft verschillende organen van een mens en van een plant weer.
Planten en mensen hebben voedsel nodig om in leven te blijven. De stoffen eiwit, glycogeen, vet en zetmeel kunnen als reservestoffen in verschillende organen worden opgeslagen. Deze reservestoffen kunnen worden gebruikt voor de groei of voor de verbranding.

In welke van de in de afbeelding aangegeven organen van de mens wordt vooral vet opgeslagen?

afbeeldingafbeelding