Oefentoets Biologie: Spijsvertering - Spijsvertering | VMBO theoretische leerweg, 3/VMBO theoretische leerweg, 4

Deze oefentoets bevat 29 vragen en is te gebruiken in een toetsplatform dat QTI 3.0 ondersteunt. De opgaven zijn gemaakt door een vakdocent Biologie van de NVON. Ideaal om leerlingen gericht te laten oefenen en hun kennis te toetsen.

Aantal vragen

29

Vak(ken)

Biologie

Kerndoel(en)

VO Kerndoel 31: Processen in de natuur

Leerniveau(s)

VMBO theoretische leerweg, 3, VMBO theoretische leerweg, 4

Uitgever

NVON

Copyright

cc-by-sa-40

Spijsvertering

Vetvertering.
Zie figuur B 732 van de bijlage.

Twee reageerbuizen worden gevuld zoals in de tekening is weergegeven.
De buizen worden flink geschud en bij kamertemperatuur weggezet.
Na 24 uur wordt de hoeveelheid vet in iedere buis bepaald.

Is in buis 1 de hoeveelheid vet afgenomen?
En in buis 2?
afbeeldingafbeelding

afbeeldingafbeelding

Spijsvertering

Vetvertering.

Twee reageerbuizen bevatten elk water en vetten.
Aan buis 1 wordt gal toegevoegd; aan buis 2 alvleessap.
De buizen staan in een waterbad van 37°C.

Neemt de hoeveelheid vetten in buis 1 af?
En in buis 2?

afbeeldingafbeelding

Spijsvertering

Vetvertering.

In elk van twee reageerbuizen bevindt zich een beetje melk.
Aan buis 1 wordt gal toegevoegd; aan buis 2 darmsap.
De temperatuur in beide buizen is 37°C.

Neemt de hoeveelheid vetten in de melk in buis 1 af?
En in buis 2?

afbeeldingafbeelding

Spijsvertering

Vetvertering.

In een experiment wordt de vertering van vet onder verschillende omstandigheden onderzocht. Het schema geeft de proefopzet weer.
afbeeldingafbeelding

In welke buis wordt het vet het snelst verteerd?

Spijsvertering

Gal.

Bij een patiënt is de afvoerbuis van de lever afgesloten. Als gevolg hiervan komt er geen gal meer in de darm.

Welke van de volgende beweringen over deze patiënt is op grond van de gegevens juist?

Spijsvertering

Vetvertering.

In welke van de hieronder vermelde organen in het menselijk lichaam worden vetverterende enzymen geproduceerd en waar werken deze enzymen in op vetten in het voedsel?

afbeeldingafbeelding

Spijsvertering

Vetvertering.

In een reageerbuis bevinden zich vet, water en alvleessap van een zoogdier.
De reageerbuis staat in een waterbad van 37°C.

Waardoor kan bereikt worden dat in zo kort mogelijke tijd al het vet verteerd wordt?

Spijsvertering

Gal.

Waar in het lichaam van de mens komt gal bij het voedsel?
Welke stoffen worden door gal geëmulgeerd?

Gal komt bij het voedsel als het zich bevindt in

Spijsvertering

Vetvertering.
Zie figuur B 834 van de bijlage.

De tekening geeft schematisch, van bovenaf gezien, een doorsnede weer van het lichaam van een volwassen mens onder het middenrif. Met de cijfers 1 t/m 5 zijn organen of delen van organen aangegeven.
In orgaan 4 vindt opslag van stoffen uit de lever plaats.

Worden in orgaan 4 ook vetten uit het voedsel verteerd?
Worden in orgaan 6 vetten verteerd?

afbeeldingafbeelding

afbeeldingafbeelding

Spijsvertering

Vetvertering.

In elk van drie bekerglazen (I t/m III) bevindt zich melk, die veel vet bevat.
Aan elk bekerglas wordt een oplossing toegevoegd zoals aangegeven in onderstaande tabel.
afbeeldingafbeelding

Welke van onderstaande conclusies met betrekking tot de resultaten van deze proef is niet juist?

Spijsvertering

Galsteen.

Een galsteen belemmert bij een patiënt de afvoer van stoffen uit de galblaas.

Welk voedselbestanddeel zal hierdoor slecht worden verteerd?

Spijsvertering

Emulgeren van vetten.

Het emulgeren van vetten vindt plaats in

Spijsvertering

Vetten.

Hieronder staan vloeistoffen genoemd, die vetten emulgeren en/of verteren.

Welke regel is juist?

afbeeldingafbeelding

Spijsvertering

Gal.

Hieronder volgen vier beweringen over gal.

1. Gal bevat een enzym dat vetten verteert.
2. Gal emulgeert vetten, waardoor vetverterende enzymen er beter op kunnen inwerken.
3. Gal emulgeert vetten, waardoor ze direct in het bloed kunnen worden opgenomen.
4. Gal ontstaat in de alvleesklier en komt via een afvoerbuis in de twaalfvingerige darm.

Welke van deze beweringen is juist?

Spijsvertering

Vetvertering.
Zie figuur B 1780 van de bijlage.

De tekening stelt schematisch het darmkanaal van de mens voor.

Op welke van de aangegeven plaatsen wordt gal aan het voedsel toegevoegd?

afbeeldingafbeelding

Spijsvertering

Emulgatie.

Welke stoffen worden in het lichaam van de mens geëmulgeerd?

Spijsvertering

Vetvertering.

Drie reageerbuizen staan in een waterbad bij een temperatuur van 37°C.

Buis 1 bevat vet + alvleessap.
Buis 2 bevat vet + gal.
Buis 3 bevat vet + gal + alvleessap.

In welke buis (buizen) wordt vet verteerd?

Spijsvertering

Vetvertering.

In elk van twee reageerbuizen bevindt zich een beetje melk.
Aan buis 1 wordt gal toegevoegd.
Aan buis 2 wordt darmsap toegevoegd.
De temperatuur in de beide reageerbuizen is 37°C.

Neemt de hoeveelheid vet in de melk in buis 1 af?
En in buis 2?

afbeeldingafbeelding

Spijsvertering

Practicum vetvertering.

Bij een practicum over vetvertering worden vier proeven uitgevoerd. In vier bekerglazen wordt 10 gram vet met andere stoffen samengevoegd.
In de tabel hieronder staan deze proeven schematisch beschreven.
Uit deze proeven kan worden geconcludeerd dat vet alleen wordt verteerd als er vetverterend enzym is.
afbeeldingafbeelding

Welke twee andere conclusies kunnen uit de resultaten van de vier proeven worden getrokken?




-

Spijsvertering

1/3 Spijsvertering.

Vertering is een ingewikkeld proces, waarbij het voedsel zó wordt veranderd dat het kan worden opgenomen in het bloed. Voor de vertering zijn allerlei enzymen nodig, die door verschillende klieren in het lichaam worden gemaakt. Enzymen kunnen beter werken als de voedselbrokjes niet te groot zijn.
Met vetdeeltjes is iets bijzonders aan de hand: kleine vetdeeltjes vloeien gemakkelijk samen tot grotere deeltjes. Daardoor kunnen enzymen er slecht op inwerken.
Het lichaam maakt een speciaal sap dat de vetdeeltjes verdeelt, zodat de enzymen er wel goed op kunnen inwerken.

In welk deel van het spijsverteringsstelsel vindt de opname van verteerd voedsel in het bloed hoofdzakelijk plaats?
In welk deel van het spijsverteringskanaal zijn de meeste verschillende spijsverteringsenzymen werkzaam?

afbeeldingafbeelding




-

Spijsvertering

2/3 Spijsvertering.

Vertering is een ingewikkeld proces, waarbij het voedsel zó wordt veranderd dat het kan worden opgenomen in het bloed.
Voor de vertering zijn allerlei enzymen nodig, die door verschillende klieren in het lichaam worden gemaakt.
Enzymen kunnen beter werken als de voedselbrokjes niet te groot zijn.
Met vetdeeltjes is iets bijzonders aan de hand: kleine vetdeeltjes vloeien gemakkelijk samen tot grotere deeltjes.
Daardoor kunnen enzymen er slecht op inwerken.
Het lichaam maakt een speciaal sap dat de vetdeeltjes verdeelt, zodat de enzymen er wel goed op kunnen inwerken.

Welke van de onderstaande klieren kunnen in de tekst zijn bedoeld?
Waar wordt het in de tekst genoemde speciale sap gemaakt?

afbeeldingafbeelding




-

Spijsvertering

3/3 Spijsvertering.

Het verdelen van de vetdeeltjes heet

Voeding

1/2 Vitamine K.

Vitamine K komt onder andere voor in groene groente zoals spinazie.
Vitamine K wordt ook door bacteriën in de darm van de mens gemaakt.
Alleen bij uitzondering heeft een mens gebrek aan vitamine K.
Dat kan gebeuren wanneer iemand gedurende een periode antibiotica heeft geslikt.

Leg uit dat door de werking van antibiotica een gebrek aan vitamine K kan ontstaan.

Voeding

2/2 Vitamine K.
Zie figuur B 3289 van de bijlage.

Bekijk de afbeelding en onderstaande tabel.
afbeeldingafbeelding

Zet achter elk organisme het juiste cijfer.

afbeeldingafbeelding
  • 3
  • 2
  • 1
  • bacterie
  • spinazie
  • mens

Spijsvertering

Taaislijmziekte.
Zie figuur A 701 van de bijlage.

Taaislijmziekte leidt tot ernstige darm- en longproblemen. Bij mensen met taaislijmziekte is de productie van slijm in de luchtwegen toegenomen. Dit slijm is taaier dan normaal en blijft aan de wand van de luchtwegen plakken.
Ook de alvleesklier produceert bij deze ziekte veel taai slijm, waardoor de afvoerbuis van de alvleesklier verstopt raakt.

De alvleesklier produceert enzymen om onder andere vet af te breken. Als gevolg van de taaislijmziekte kunnen deze enzymen het voedsel niet bereiken. Bij de ziekte bevat de ontlasting daardoor veel vet. Uit de afbeelding kan worden afgeleid dat bij taaislijmziekte door nog een andere oorzaak vet niet goed verteerd wordt.

Wat is deze andere oorzaak?
En leg uit dat door deze oorzaak vet minder goed verteerd wordt.

afbeeldingafbeelding

Spijsvertering

Galblaas.
Zie figuur B 3429 van de bijlage.

Als een galblaas is ontstoken, kan een chirurg dit orgaan verwijderen (zie de afbeelding).

Wordt na zo'n operatie vet nog verdeeld in kleine druppeltjes? Leg je antwoord uit.

afbeeldingafbeelding

Spijsvertering

1/3 Levercirrose.

In welk deel van het verteringskanaal komt de galbuis uit?

Spijsvertering

2/3 Levercirrose.

Eén van de gevolgen van levercirrose is dat er minder gal vanuit de lever via de galbuis naar het verteringskanaal wordt afgevoerd. Hierdoor worden vetten uit het voedsel minder goed door verteringsenzymen afgebroken.

Leg uit waardoor vetten minder goed verteerd worden, als er minder gal naar het verteringskanaal wordt afgevoerd.

Spijsvertering

3/3 Levercirrose.
Zie figuur B 3337 van de bijlage.

Als levercellen door levercirrose afsterven, stroomt het bloed minder goed door de lever heen. Het gevolg is dat stoffen niet meer goed aan- en afgevoerd worden.
Twee bloedvaten voeren bloed naar de lever toe: de leverslagader voert bloed vanuit de aorta aan en de poortader voert bloed vanuit het verteringskanaal naar de lever. Het bloed in de poortader bevat minder zuurstof dan het bloed in de leverslagader (zie de afbeelding).

Leg uit waardoor het bloed in de poortader minder zuurstof bevat dan het bloed in de leverslagader.

afbeeldingafbeelding