Voeding
Beweringen.
Pieter zegt: "Zowel koolhydraten als vetten kunnen beide als bouwstof en als brandstof dienen".
John beweert: "Water heeft als functie 'brandstof'.
Wie heeft of hebben gelijk?
Deze oefentoets bevat 20 vragen en is te gebruiken in een toetsplatform dat QTI 3.0 ondersteunt. De opgaven zijn gemaakt door een vakdocent Biologie van de NVON. Ideaal om leerlingen gericht te laten oefenen en hun kennis te toetsen.
20
Biologie
VO Kerndoel 31: Processen in de natuur
VWO 1, VWO 2, VWO 3
NVON
cc-by-sa-40
Beweringen.
Pieter zegt: "Zowel koolhydraten als vetten kunnen beide als bouwstof en als brandstof dienen".
John beweert: "Water heeft als functie 'brandstof'.
Wie heeft of hebben gelijk?
Samenstelling van voedingsmiddelen.
De onderstaande tabel is een deel uit een voedingsmiddelentabel.
De hoeveelheden zijn in grammen uitgedrukt en geanalyseerd per 100 gram eetbaar gedeelte.
afbeelding
Zie figuur B 3293 van de bijlage.
Een leerling krijgt de opdracht om met behulp van deze tabel de samenstelling van verschillende voedingsmiddelen weer te geven in cirkeldiagrammen. Een zo'n cirkeldiagram is weergegeven in de afbeelding.
Van welk voedingsmiddel uit de tabel geeft het cirkeldiagram de samenstelling weer?
-
afbeelding
Voedingsmiddelen.
Zie bijlage D 1 (voedingsmiddelen).
Je koopt 150 gram broccoli en kookt die.
Hoeveel kJ, grammen eiwit en milligrammen ß-caroteen levert je dat op?
afbeelding
afbeelding
Voedingsmiddelen.
Zie figuur D 1 van de bijlage (voedingsmiddelentabel).
Wat levert de grootste hoeveelheid vit. B2 op?
afbeelding
Voedingsmiddelen.
Zie figuur D 1 (bijlage voedingsmiddelen).
Om twee keer over een lat op een hoogte van 1,2 meter te springen, heb je precies 300 kcal nodig.
Die 300 kcal kun je verkrijgen uit
afbeelding
Energieverbruik.
Voor de volgende bezigheden is aan energie nodig:
- denken: 10 kcal/minuut
- schrijven: 4 kcal/minuut
- lezen: 1 kcal/minuut
Voor een proefwerk van 60 minuten heb je 25 minuten nodig om te denken, 5 minuten om te schrijven en 30 minuten om te lezen.
Je energie-verbruik bedraagt dan
Voedingsmiddelen.
Zie figuur D 1 van de bijlage (voedingsmiddelentabel).
Welk voedingsmiddel levert het lichaam tezamen de meeste vitamines (A, B en C) op?
afbeelding
Voedingsmiddelen.
Zie figuur D 1 van de bijlage (voedingsmiddelentabel).
Welke kaassoort uit de bijlage is het best te gebruiken voor het verkrijgen van bouwstoffen?
afbeelding
Voedingsmiddelen.
Zie figuur D 1 van de bijlage (voedingsmiddelentabel).
Kies dat voedingsmiddel, waarvan je de kleinste hoeveelheid nodig hebt, om aan een bepaalde hoeveelheid energie te komen.
Dat voedingsmiddel is
afbeelding
Vermageren.
Zie figuur D 1 van de bijlage (voedingsmiddelentabel).
Iemand is bezig met een vermageringskuur. Hij wil voedingsmiddelen gebruiken die weinig energie leveren.
Hij kan kiezen uit mager vlees, gekookt ei, komkommer of patates frites.
Welk van deze voedingsmiddelen moet hij kiezen om per 100 gram voedingsmiddel zo weinig mogelijk energie op te nemen?
afbeelding
Beweringen.
Welke bewering is niet juist?
Vitaminen.
Een belangrijke functie van vitaminen in ons voedsel is
Voedingswijzer.
Zie figuur B 2272 van de bijlage.
Tot welke groep van de voedingswijzer behoren de producten: macaroni en spaghetti?
Welke twee groepen bevatten plantaardige voedingsmiddelen?
afbeelding
Beweringen.
I. Iemand van 50 jaar heeft géén bouwstoffen meer nodig.
II. Beschermende stoffen zijn stoffen, waarvan wij elke dag een beetje nodig hebben om niet ziek te worden.
Beweringen.
Gebruikt de mens het opgenomen water als bouwstof?
Zo ja, al het opgenomen water of een deel ervan?
Water.
Behalve door te drinken kunnen we ook water binnen krijgen door
Voedingsmiddelentabel.
Een deel van een voedingsmiddelentabel is weergegeven.
afbeelding
Remco vraagt zich af waarmee hij het meeste eiwit binnen krijgt: met 100 gram rijst of met 150 gram patat of met 200 gram aardappels.
Bereken met welke portie Remco het meeste eiwit binnen krijgt.
Vitaminen.
Vul in: Vitamine A, B, C of D.
Vitamine [invulveld] ontstaat onder invloed van zonnestralen in de huid.
In melk en bruinbrood zit veel vitamine [invulveld] en [invulveld].
Bij een tekort van vitamine [invulveld] treedt Engelse ziekte op.
Zonder vitamine [invulveld] loop je het risico dat je slecht ziet in de schemering.
Zonder vitamine [invulveld] kunnen je tanden los gaan zitten.
Vitamine [invulveld] en [invulveld] worden aan margarine toegevoegd.
In sinaasappels zit veel vitamine [invulveld].
Konijntjes, die veel peentjes eten, hebben nooit een tekort aan vitamine [invulveld].
Voedingsvezels.
Geen enkel mens kan op pillen alleen leven. Behalve de zes groepen voedingsstoffen zijn ook (voedings)vezels nodig.
Wat wordt er bedoeld met 'voedingsvezels'?