Oefentoets Biologie: Voortplanting - mens_embryonale ontwikkeling | VMBO theoretische leerweg, 3/VMBO theoretische leerweg, 4

Deze oefentoets bevat 22 vragen en is te gebruiken in een toetsplatform dat QTI 3.0 ondersteunt. De opgaven zijn gemaakt door een vakdocent Biologie van de NVON. Ideaal om leerlingen gericht te laten oefenen en hun kennis te toetsen.

Aantal vragen

22

Vak(ken)

Biologie

Kerndoel(en)

VO Kerndoel 31: Processen in de natuur

Leerniveau(s)

VMBO theoretische leerweg, 3, VMBO theoretische leerweg, 4

Uitgever

NVON

Copyright

cc-by-sa-40

Voortplanting

Processen bij de voortplanting bij de mens.
Zie figuur B 1044 van de bijlage.

In de figuur staat een schema van de voortplanting bij de mens.

Welke processen stellen de cijfers 1, 2 en 3 voor?

afbeeldingafbeelding

afbeeldingafbeelding

Voortplanting

De voortplantingsorganen van een dertigjarige vrouw.
Zie figuur B 753 van de bijlage.

De tekening geeft de voortplantingsorganen van een dertigjarige vrouw weer.

In welk of in welke van de aangegeven organen kan mitose voorkomen?
In welk of in welke van de aangegeven organen kan meiose voorkomen?

afbeeldingafbeelding

afbeeldingafbeelding

Voortplanting

Enkele organen van een man.
Zie figuur B 824 van de bijlage.

De tekening stelt enkele organen van een man voor.

In welk van de aangegeven delen kan meiose plaatsvinden?

afbeeldingafbeelding

Voortplanting

de voortplantingsorganen van een vrouw.
Zie figuur B 842 van de bijlage.

De tekening geeft schematisch de voortplantingsorganen van een vrouw weer.

In welk van de aangegeven delen vindt gewoonlijk de eerste deling van een eicel plaats, direct na de bevruchting?

afbeeldingafbeelding

Voortplanting

Meiose.

In welk orgaan van een man treedt meiose op?

Voortplanting

1/4 Een ongeboren kind.
Zie figuur B 917 van de bijlage.

De afbeelding geeft schematisch een ongeboren kind weer met de navelstreng en een deel van de placenta.
Het bloed in bloedvat R stroomt van het kind af, het bloed in bloedvat S stroomt naar het kind toe.
De moeder is vier maanden zwanger.

Komt in deel Q bloed van het kind voor?
En bloed van de moeder?

afbeeldingafbeelding

Voortplanting

2/4 Een ongeboren kind.
Zie figuur B 917 van de bijlage.

Komt in bloedvat S bloed van het kind voor?
En bloed van de moeder?

afbeeldingafbeelding

Voortplanting

3/4 Een ongeboren kind.
Zie figuur B 917 van de bijlage.

Bevat het bloed in bloedvat R evenveel zuurstof als in bloedvat S?
Zo nee, waar bevat het bloed de meeste zuurstof?

afbeeldingafbeelding

Voortplanting

4/4 Een ongeboren kind.

Enkele processen die in het lichaam van de mens plaatsvinden, zijn:

1. opbouw van eiwitten,
2. spijsvertering in de darm,
3. verbranding.

Welke van deze processen vinden al plaats bij dit ongeboren kind?

Voortplanting

1/2 Navelstrengen.

Bij een zwangere vrouw verbindt de navelstreng het nog niet geboren kind met de placenta. Via de navelstreng worden allerlei stoffen naar het kind toe of van het kind af vervoerd. Na de geboorte heeft de navelstreng voor het kind geen functie meer. Deze wordt afgebonden en doorgeknipt.

Komen in navelstrengen alleen aders voor, alleen slagaders of beide?

Voortplanting

2/2 Navelstrengen.

Bevatten navelstrengen alleen bloedvaten van het kind, alleen bloedvaten van de moeder of van beide?

Voortplanting

1/4 Voor de geboorte.
Zie figuur B 884 van de bijlage.

De afbeelding stelt een ongeboren kind in de baarmoeder van een vrouw voor. De vrouw is zeven maanden zwanger. Het kind is een jongetje.

Stroomt door deel Q alleen bloed van het kind, alleen bloed van de moeder of van beiden?
Stroomt door deel Q alleen zuurstofarm bloed, alleen zuurstofrijk bloed of beide?

afbeeldingafbeelding

afbeeldingafbeelding

Voortplanting

2/4 Voor de geboorte.
Zie figuur B 884 van de bijlage.

Komen er X-chromosomen voor in deel P?
En in deel Q?
En in deel R?

afbeeldingafbeelding

afbeeldingafbeelding

Voortplanting

3/4 Voor de geboorte.
Zie figuur B 884 van de bijlage.

Bevat deel P alleen weefsels van het kind, alleen weefsels van de moeder of weefsels van beiden?

afbeeldingafbeelding

Voortplanting

4/4 Voor de geboorte.
Zie figuur B 884 van de bijlage.

Zijn deze cellen alleen afkomstig van het kind, alleen afkomstig van de moeder of van beiden afkomstig?

afbeeldingafbeelding

Voortplanting

1/2 Vruchtwateronderzoek.

Een embryo in de buik van een zwangere vrouw wordt omgeven door vruchtwater.

Welke functie heeft het vruchtwater vooral?

Voortplanting

2/2 Vruchtwateronderzoek.

Een zwangere vrouw kan een vruchtwateronderzoek uit laten voeren als zij wil weten of bepaalde afwijkingen bij het embryo voorkomen. Met een injectienaald wordt dan wat vruchtwater opgezogen. In dit vruchtwater zweven cellen. Van deze cellen worden de chromosomen onderzocht.

Zijn de cellen die in het vruchtwater zweven afkomstig van het embryo?
Of zijn ze afkomstig van de moeder?

Voortplanting

1/2 Zwangerschap.
Zie figuur B 3679 van de bijlage.

In de afbeelding is een baarmoeder met een ongeboren kind schematisch getekend.

Met welk nummer zijn de vruchtvliezen aangegeven?

afbeeldingafbeelding

Voortplanting

2/2 Zwangerschap.
Zie figuur B 3679 van de bijlage.

Stroomt er bloed van het kind door deel P?
En stroomt er bloed van de moeder door deel P?

afbeeldingafbeelding

Voortplanting

1/3 Zwangerschap.
Zie figuur B 3676 van de bijlage.

In de afbeelding is een embryo met navelstreng en een deel van de placenta getekend.

Bevat deel Q alleen weefsels van het kind, alleen weefsels van de moeder of weefsels van beiden?

afbeeldingafbeelding

Voortplanting

2/3 Zwangerschap.
Zie figuur B 3679 van de bijlage.

Komt in bloedvat S bloed van het kind voor?
En bloed van de moeder?

afbeeldingafbeelding

Voortplanting

3/3 Zwangerschap.
Zie figuur B 3679 van de bijlage.

In bloedvat S stroomt het bloed naar het embryo toe.

Bevat het bloed in bloedvat R evenveel zuurstof als het bloed in bloedvat S?
Zo nee, waar bevat het bloed de meeste zuurstof?

afbeeldingafbeelding