Oefentoets Biologie: Celleer | HAVO 1/HAVO 2/HAVO 3 | variant 2

Deze oefentoets bevat 24 vragen en is te gebruiken in een toetsplatform dat QTI 3.0 ondersteunt. De opgaven zijn gemaakt door een vakdocent Biologie van de NVON. Ideaal om leerlingen gericht te laten oefenen en hun kennis te toetsen.

Aantal vragen

24

Vak(ken)

Biologie

Kerndoel(en)

VO Kerndoel 31: Processen in de natuur

Leerniveau(s)

HAVO 1, HAVO 2, HAVO 3

Uitgever

NVON

Copyright

cc-by-sa-40

Celleer

Celeigenschappen.

Gegeven de volgende feiten:

1. de cellen hebben een membraan,
2. de cellen hebben geen vacuolen,
3. de cellen bezitten geen bladgroenkorrels,
4. de cellen bezitten geen celwanden,
5. de cellen zijn ongeveer rechthoekig.

Welke van deze eigenschappen gelden voor een aardappelcel?

Celleer

Celeigenschappen.

Plantaardige cellen bevatten meer vocht dan dierlijke cellen, omdat

Celleer

Plantaardige cel.
Zie figuur B 3378 van de bijlage.

In de afbeelding is een plantaardige cel schematisch getekend.

Hoe heet het onderdeel dat is aangegeven met nummer 1?
En hoe heet het onderdeel dat is aangegeven met nummer 2?

afbeeldingafbeelding

afbeeldingafbeelding

Celleer

Celeigenschappen.

I. Cellen uit het slijmvlies van je wangen bevatten bladgroenkorrels.
II. Uienrokvliescellen hebben een celmembraan.

Celleer

Een belangrijk verschil.

Een belangrijk verschil tussen een plantaardige cel en een dierlijke cel is:

Celleer

Microscopisch preparaat.
Zie figuur B 2089 van de bijlage.

In de afbeelding is een microscopisch preparaat getekend.

Stelt de afbeelding een bacterie voor, een deel van een dier of een deel van een plant?

afbeeldingafbeelding

Celleer

Celkern.

Wat gebeurt er als uit een cel de kern wordt verwijderd?

Celleer

Plantaardige cel.
Zie figuur B 1360 van de bijlage.

In de afbeelding is een plantaardige cel schematisch getekend.

Met welk nummers is een membraan aangegeven?

afbeeldingafbeelding

Celleer

Dierlijke cel.

Zie figuur B 1356 van de bijlage.

In de afbeelding is een dierlijke cel schematisch getekend.

Noteer de namen van de genummerde onderdelen.

afbeeldingafbeelding
  • kernmembraan
  • kern
  • cytoplasma
  • celmembraan
  • 1
  • 2
  • 3
  • 4

Celleer

De rok van een ui.
Zie figuur B 1962 van de bijlage.

Tijdens een practicum bekijkt een leerlinge een preparaat van de rok van een ui door een microscoop bij 200 x vergroting. Ze ziet wat op de foto (zie de afbeelding) is weergegeven.

Wat is aangegeven met P?

de [invulveld]

afbeeldingafbeelding

Celleer

Microscopische foto van een uiencel.

afbeeldingafbeelding

Welke celonderdelen horen bij de nummers?

  • celkern
  • celwand
  • cytoplasma
  • vacuole
  • celmembraan
  • 1
  • 2
  • 3
  • 4

Celleer

Celfuncties.

Geef de functies van de volgende celonderdelen:

cytoplasma
celmembraan
celkern (2x)
vochtblaasje
celorgaantjes

Celleer

Tekening dierlijke cel.

Teken een dierlijke cel met namen.

Celleer

Tekening plantencel.

Teken een volwassen plantencel met namen.

Celleer

Verschillen tussen plantencel en dierlijke cel.

Wat zijn drie verschillen tussen een plantencel en een dierlijke cel?

Celleer

1/3 Microscopie.
Zie figuur B 2868 van de bijlage.

Kirsten krijgt van haar lerares vier microscooppreparaten. Op elk preparaat zit een etiketje (zie de afbeelding).
Kirsten krijgt de opdracht een preparaat van een weefsel te bekijken.

Welk van deze preparaten moet Kirsten dan bekijken?

afbeeldingafbeelding

Celleer

2/3 Microscopie.
Zie figuur B 2868 van de bijlage.

In één van de preparaten zijn geen celwanden om de cellen aanwezig.

In welk preparaat is dat?

afbeeldingafbeelding

Celleer

3/3 Microscopie.
Zie figuur B 2868 van de bijlage.

Vervolgens krijgt Kirsten de opdracht om een cel met bladgroen te bekijken en te tekenen.

Kan zij één van deze preparaten hiervoor gebruiken?
Zo ja, welk?

afbeeldingafbeelding

Biologie algemeen

4/6 Wetenschappelijk onderzoek.

SLECHTE PILSLIKKERS

Het hoge aantal tienermoeders in Groot-Brittannië is niet uitsluitend het gevolg van schaamte om advies in te winnen, zoals lange tijd is gedacht. Uit een onderzoek van de Universiteit van Nottingham is gebleken dat 37,5 procent van de Britse tienermoeders zwanger wordt hoewel ze de pil voorgeschreven hebben gekregen.
Driekwart van de 240 ondervraagden heeft in het jaar voor de zwangerschap aan de huisarts informatie gevraagd over anticonceptie. De helft van hen kreeg vervolgens de pil voorgeschreven, zeggen de onderzoekers.[...]

(Trouw, 19 augustus 2000).

Zie volgende scherm

Celleer

Planten en dieren.
Zie figuur A 1018 van de bijlage.

Zowel planten als dieren hebben weefsels en organen.
In de afbeelding is een cel uit een plantaardig weefsel schematisch weergegeven.
Enkele delen zijn met letters aangegeven.

Welke twee letters geven delen aan die ook aangetroffen kunnen worden in dierlijk weefsel?

afbeeldingafbeelding

Celleer

Petunia's.
Zie figuur B 3324 van de bijlage.

Een petunia is een sierplant die vaak in tuinen en op balkons te zien is. Een onderzoekster doet een kruisingsexperiment met petuniaplanten. Ze heeft hierbij planten met normaal groene bladeren tot haar beschikking, maar ook planten met bleekgroene bladeren.
De onderzoekster brengt stuifmeel van een normaal groene plant op stempels van dezelfde plant. Dit wordt zelfbestuiving genoemd. Onder de nakomelingen uit deze kruising komen zowel normaal groene als bleekgroene planten voor.
Het valt de onderzoekster op, dat de normaal groene planten veel beter groeien dan de bleekgroene. Ze bekijkt bladcellen van beide typen planten door een microscoop. Ze ziet dat cellen van de bleekgroene bladeren veel minder bladgroenkorrels bevatten dan die van normaal groene bladeren.

In welk deel van een plantencel bevinden zich de bladgroenkorrels?

afbeeldingafbeelding

Celleer

Ötzi.
Zie figuur B 3683 van de bijlage.

In de Alpen heeft men enkele jaren geleden in een gletsjer een ijsmummie gevonden van 5300 jaar oud. Ötzi, zoals hij genoemd is, wordt bij - 6°C bewaard en tentoongesteld.

Voor onderzoek wordt de mummie gedeeltelijk ontdooid.
In kleine stukjes weefsel onderzoekt men de chromosomen van Ötzi.

Hoe heet het deel van een cel dat dan wordt onderzocht?

afbeeldingafbeelding

Celleer

Boomalg.
Zie figuur B 4559 van de bijlage.

Op bomen kom je soms een groenige, vochtige laag tegen. Deze laag bestaat uit boomalgen. Boomalgen zijn eencellige plantjes.

Heeft een boomalg cytoplasma?
En heeft een boomalg een celmembraan?

afbeeldingafbeelding

Celleer

Het nijlpaard.
Zie figuur B 4589 van de bijlage.

Een nijlpaard eet grasplanten.

Kunnen de afgebeelde cellen afkomstig zijn van een grasplant?
En kunnen deze cellen afkomstig zijn van een nijlpaard?

afbeeldingafbeelding