Oefentoets Biologie: Plantenanatomie - assimilatie_dissimilatie | VMBO theoretische leerweg, 3/VMBO theoretische leerweg, 4 | variant 3

Ontdek de digitale toets over gaswisseling bij planten, huidmondjes en albinisme, gericht op studenten biologie die hun kennis over plantfysiologie willen testen en verdiepen. Deze toets bevat vragen over fotosynthese, voedingsstoffen en de teelt van aardappelen. - 20 vragen

Aantal vragen

20

Vak(ken)

Biologie

Kerndoel(en)

VO Kerndoel 31: Processen in de natuur

Leerniveau(s)

VMBO theoretische leerweg, 3, VMBO theoretische leerweg, 4

Uitgever

NVON

Copyright

cc-by-sa-40

Gaswisseling bij planten en huidmondjes

1/2 Gaswisseling bij planten.

Landplanten hebben een opperhuid die moeilijk gassen doorlaat. Gaswisseling vindt vooral plaats via huidmondjes.
Veel cellen in een blad grenzen niet direct aan een huidmondje.

Langs welke weg vindt transport van gassen tussen deze cellen en de huidmondjes vooral plaats?

Huidmondjes en weersomstandigheden bij planten

2/2 Gaswisseling bij planten.

Bij welke van de volgende weersomstandigheden zal het aantal huidmondjes dat overdag is gesloten, het grootst zijn?

Kans op albinisme bij tabaksplanten

1/3 Albino.

Sommige planten zijn niet in staat bladgroenkorrels te vormen. Deze albinoplanten ontkiemen wel uit het zaad, maar ze sterven na korte tijd. Onderzoek heeft aangetoond dat dit zogenoemde albinisme veroorzaakt wordt door een recessief gen.
Een tabaksplant wordt bestoven met stuifmeel van een andere tabaksplant. Beide planten zijn heterozygoot voor albinisme.

Hoe groot is de kans dat uit een zaad een albinokiemplant ontstaat?

Voedingsstoffen bij het kiemen van planten

2/3 Albino.

Waar haalt een albinokiemplantje tijdens het kiemen voedingsstoffen vandaan?

Albino-planten en het belang van fotosynthese

3/3 Albino.

Leg uit waardoor albinokiemplanten zullen sterven als gevolg van het ontbreken van bladgroen.

Aardappelen Kweken: Vermeerderen en Teeltwijze

1/4 Hoe je aardappelen kunt kweken.
Zie figuur B 2147 van de bijlage.

In de afbeelding en de tekst hieronder is weergegeven hoe je aardappelen kunt kweken.
De tuin wordt omgespit, waarbij stalmest door de grond wordt gewerkt. Vervolgens worden gaten van ongeveer 10 cm diep in de grond gestoken. In ieder gat wordt een aardappel gelegd.
Ook kan een stuk van een grote aardappel worden gebruikt (tekening 1). Grote aardappelen worden dan zó gedeeld dat op elk deel één of meer "ogen" voorkomen. Na het poten worden de gaten dichtgemaakt.
De aardappelplanten komen na enkele weken boven de grond (tekening 2). Ze vormen wortels, stengels, bladeren en bloemen en er ontstaan nieuwe aardappelen (tekening 3).
De aardappelen worden gerooid als de bladeren helemaal geel zijn geworden. Uit elke gerooide aardappel kan weer een nieuwe aardappelplant worden gekweekt.

Kunnen aardappelplanten zich geslachtelijk vermeerderen?
En ongeslachtelijk?

afbeeldingafbeelding

Voedingsstoffen voor aardappelplanten

2/4 Hoe je aardappelen kunt kweken.

Stalmest bevat onder andere cellulose, eiwitten en zouten.

Welke van deze stoffen neemt een aardappelplant uit de stalmest op?

Fenotype en genotype van aardappelplanten

3/4 Hoe je aardappelen kunt kweken.

Wanneer grote aardappelen worden gedeeld, zal uit elk deel een jonge plant groeien.

Wat is bekend over het fenotype en over het genotype van de planten die zo uit de delen van één aardappel groeien?

Fotosynthese en verbranding bij aardappelplanten

4/4 Hoe je aardappelen kunt kweken.

Een aardappelplant staat nog in de grond, maar de bovengrondse delen zijn al helemaal geel en verdord.

Vindt in deze plant nog fotosynthese plaats?
En verbranding?

afbeeldingafbeelding

Huidmondjes en hun weefseltype

1/3 Huidmondjes.
Zie figuur B 785 van de bijlage.

In de buitenste laag cellen van een blad bevinden zich openingen: de huidmondjes. De sluitcellen van een huidmondje bevatten bladgroenkorrels.
De tekening geeft een huidmondje weer.

Tot welk weefsel behoren de sluitcellen van huidmondjes?

afbeeldingafbeelding

Huidmondjes: Fotosynthese en Verbranding

2/3 Huidmondjes.

Vindt in de sluitcellen overdag alleen fotosynthese of alleen verbranding plaats of vinden beide processen plaats?

Afgifte van stoffen via huidmondjes

3/3 Huidmondjes.

Welke stoffen worden door de plant overdag via de huidmondjes afgegeven?

Opname van stoffen door slaplanten en champignons

1/2 Slaplanten en champignons.

Men vergelijkt welke stoffen door slaplanten en champignons uit het milieu worden opgenomen.

Kunnen slaplanten zuurstof opnemen?
En kunnen champignons dat?

afbeeldingafbeelding

Energierijke stoffen in slaplanten en champignons

2/2 Slaplanten en champignons.

Nemen slaplanten energierijke stoffen uit de bodem op?
En doen champignons dat?

afbeeldingafbeelding

Bladgroenkorrels in een blad

1/3 Een blad.
Zie figuur B 3547 van de bijlage.

In de afbeelding is een doorsnede van een blad schematisch getekend. Enkele delen zijn genummerd.

Kunnen op alle genummerde plaatsen bladgroenkorrels voorkomen?
Zo nee, op welke plaatsen niet?

afbeeldingafbeelding

Glucosevorming en -verbranding in cellen

2/3 Een blad.
Zie figuur B 3547 van de bijlage.

Wordt in cel 1 in het licht glucose gevormd uit anorganische stoffen?
En wordt in deze cel in het licht glucose verbrand?

afbeeldingafbeelding

Vorming van zuurstof in cellen

3/3 Een blad.
Zie figuur B 3547 van de bijlage.

Wordt in cel 2 in het licht zuurstof gevormd?
En in cel 4?

afbeeldingafbeelding

Transport van kleurstof in bladeren

1/4 Bladeren in kleurstofoplossing.
Zie figuur C 53 van de bijlage.

Drie jampotjes worden voor een deel gevuld met water waarin een rode kleurstof is opgelost.
In alle drie de potjes wordt een blad gezet. De bladeren zijn even groot en afkomstig van dezelfde plant. Van het blad in pot 2 is de bovenzijde ingesmeerd met vet. Van het blad in pot 3 is de onderzijde ingesmeerd met vet. Het blad in pot 1 is niet behandeld.
Na een dag blijkt dat het blad in pot 1 helemaal rood is. Het blad in pot 2 is iets minder rood en het blad in pot 3 is nauwelijks rood.

Wordt het transport van de gekleurde vloeistof in deze bladeren veroorzaakt door worteldruk, door zuigkracht of door beide?

afbeeldingafbeelding

Verdamping van bladeren in kleurstofoplossing

2/4 Bladeren in kleurstofoplossing.
Zie figuur C 53 van de bijlage.

Welk blad heeft na een dag het meeste water verdampt?

afbeeldingafbeelding

Huidmondjes op bladeren

3/4 Bladeren in kleurstofoplossing.
Zie figuur C 53 van de bijlage.

Aan welke kant van de bladeren zitten vermoedelijk de meeste huidmondjes?
Of zitten er aan beide kanten ongeveer evenveel?

afbeeldingafbeelding